Het kan maar gezegd zijn
Voordat ik een heel verhaal ga starten over dit evenement begin ik met iets heel belangrijks. Wie mijn site een beetje volgt weet dat mijn eerste marathon die van Rotterdam was/is. Ooit zal dat ook mijn laatste worden (in 2035 of zo) en tussendoor ga ik, als ik gezond en zonder blessures blijf, ook elk jaar die van Rotterdam meelopen. Waarom? Omdat ik er geboren ben, de supporters daar geweldig zijn en Rotterdam gewoon de perfecte mentaliteit heeft om juist daar een marathon te lopen; pijn is fijn, bloed moet en jeuk is leuk. Doorgaan tot je er bij neer valt. Maar in Rotterdam laat niemand je in de steek. Daarom dus Rotterdam. Zo, dat is gezegd. Maar ok, we schakelen nu over naar de realiteit van vandaag, Amsterdam, zondag 18 september 2011.
Back to the future                                       18 september 2011
We schrijven het voorjaar van 2007. Op mijn werk worden zo veel mogelijk collega's gezocht om mee te doen met de Dam-tot-Dam loop. Het werden er veel, heel veel zelfs, en n daarvan was ik. Afgezien natuurlijk van mijn home-town deelname aan de "20 van Alphen" was die Dam-tot-Dam mijn eerste hardloopevenement ooit. Geen idee waar ik aan was begonnen of waar het allemaal toe zou leiden.  Nu, precies 4 jaar later, ben ik weer terug in Amsterdam.
Dam-tot-Dam, wat is dat
Hoe simpel kan een stukje hardlopen zijn. Je doet je schoenen aan en gaat rennen. Rennen tot je geen zin meer hebt. Nadeel daarvan is dat je dan eindigt op een plek die je niet van tevoren bedacht had, en dan moet je nog wel thuis zien te komen. Bij wedstrijden heet dat een "A-B wedstrijd" omdat je van A naar B loopt. Wil een wedstrijd voor algemene records goedgekeurd worden door de Atletiekunie, dan mogen start en finish niet te ver uit elkaar liggen. Anders zouden wind of heuvels te veel invloed hebben op de uitslag. A-B'tjes kom je dan ook niet zo veel tegen. Alternatief is het lopen van een rondje, je raad het al, een A-A-tje, waarbij je start- ook je stopplek is. Veruit de meest gekozen manier om te sporten. Nadeel van het lopen van een trainingsrondje is dat je tevoren moet bedenken hoe ver je wilt gaan lopen. Ga je de eerste helft de ver dan heb je jezelf mooi te pakken genomen. Stel je je doelen te klein dan kom je thuis aan met een onvoldaan gevoel. Goed inschatten dus.

De Dam-tot-Dam loop is een A-B evenement. Je gaat naar Amsterdam waarbij het openbaar vervoer eigenlijk de enige manier is om er te komen. Vervolgens kleed je je "ergens" om, start op de Prins Hendrikkade en rent naar het gezellige centrum van Zaandam waar je 10 Engelse mijl, of te wel 16,1 km verderop, over de finish gaat. Voor je spullen die je onderweg niet zelf mee kan nemen wordt gezorgd. Voordat je vertrekt kan je een tas inleveren bij een van de vele vrachtauto's die daar klaar voor staan. Die zorgen er dan voor dat jou tas na de finish in Zaandam weer afgehaald kan worden. Hoe simpel kan het zijn. Voor de loper dan, want organisatorisch is dat natuurlijk een enorme operatie. Zie al die vrachtwagens met tassen maar op tijd aan de andere kant van het IJ te krijgen. Dat zal geen eitje zijn. Vergeef me deze ongelooflijk voor de hand liggende woordspeling. Respect voor de organisatie!
Route van de 10 mijl vanuit het centrum van Amsterdam, via de IJ-tunnel naar het centrum van Zaandam.
En dan sta je in Zaandam, terwijl je je fans in Amsterdam hebt achtergelaten. Zelf wil je aan het eind van de dag wellicht ook nog terug naar Amsterdam. Hoe werkt dat dan, die dag. Ook hiervoor is weer een hele mooie oplossing. De hele dag door rijden er gratis pendelbussen tussen beide steden, bestemd voor sporters en fans. Vijftig bussen, de hele dag door, heen en weer. Een leuke en snelle manier om daar te komen waar je wilt. En al moet je even wachten, wat dan nog. Alleen tijdens het rennen heb je haast, toch?
Wedstrijdteam
Een hele eer dat ik ook vandaag weer mee mag lopen in het wedstrijdteam van mijn werk. Totaal 7 heren en de tijden van de eerste 5 tellen mee voor de wedstrijden van de businessteams. Ik blijft het bijzonder vinden dat ik er weer aan mee mag doen, net als tijdens de marathon van Praag, en vandaag zie ik ook Menno en Herman weer terug, net als natuurlijk Jacqueline en Andrea uit het damesteam. En niet te vergeten  coache Gerda die er voor zorgt dat wij ons vandaag nergens zorgen over hoeven te maken, behalve dan over onze tijden.
Ons verzamelpunt is vlak bij Amsterdam Centraal, waar ik na de interliner en de trein gelukkig veel te vroeg ben. Gerda houdt (terecht) niet zo van laatkomers. Wedstrijdkleding wordt uitgedeeld en de startnummers met bijbehorende chips worden verstrekt. Voor mij vandaag nr 1680. Tjonge, als weer mijn geluksnummer.
Het zal uit andere verhalen bekend voorkomen; we gaan de gewenste eindtijden overleggen en Menno en ik besluiten weg te gaan op een eindtijd van rond de 59 minuten. Dat zou voor ons alletwee te doen moeten zijn vandaag. Ik stel voor om de horloges in te stellen op 3 minuut 40 per kilometer. Vanuit het startvak kijken we over het Centraal Station naar de lucht die boven Zaandam hangt. Gitzwarte donderwolken maken er voor een metereoloog vast een geweldig schouwspel van. Wij als sporters vrezen het ergste. Het enige dat we zeker weten is dat we de eerste 2 kilometer absoluut droog lopen. Toch handig, zo'n IJ-tunnel.
Water genoeg bij Dam-tot-Dam
Na het startschot, dat voor ons als derde startgroep om 11:10 uur gegeven wordt, geen tijd om rustig op stoom te komen. Gelijk op het gewenste tempo de tunnel in waar ik direkt weer merk dat de GPS van mijn horloge uitvalt. Logisch. De vast km-punten waar ik zo graag mijn snelheid op ijk zijn er nu niet meer. Dan maar op gevoel rennen. Jammergenoeg snappen veel lopers niet dat het prettiger is om in een rechte lijn te kunnen lopen. De wat minder fanatieke, lees snelle, lopers verdelen zich over de hele breedte van de rijbaan waardoor je de snellere ziet slalommen om het tempo vast te kunnen houden. Daar word je niet vrolijk van maar het zal zeker de eerste 10 km wel zo door blijven gaan. Menno en ik gaan te hard van start. Met regelmaat controleer ik onze gemiddelde snelheid over korte stukken en we lopen met  km-tijden van 3:33 in plaats van 3:40 . We fluiten elkaar terug om niet straks spijt te krijgen van deze kamikaze tempo's. Achteraf blijkt dat we mooi constant gelopen hebben.
Afterparty
Na de streep onmoet ik al snel weer Menno die heel blij is met zijn tijd. Mooi, ik ook met die van mij maar daar blijven we niet te lang over napraten op straat. Het regent nog steeds behoorlijk en we zijn doorweekt, koud en hebben geen zin om een Zaandamse Pleuris op te lopen, wat overigens geen lekkernij uit de plaatselijke bakkerij is.
We gaan naar de sporthal om de natte troep uit te doen en heerlijk warm te douchen. Vervolgens droge sokken aan en weer de  natte schoenen in. Dat dat laatste eigenlijk zinloos is weet ik, maar gezien de grootte van de tas die je mee kan  nemen viel dat extra paar schoenen vandaag buiten de boot. Binnen no-time dus weer kletsnette en koude voeten maar dat is dan niet anders. De rest was wel droog en dat voelde wel weer lekker. Vervolgens op zoek naar ons basiskamp waar de werkgever een tent had neergezet om nog even bij te komen en bij te praten. Ook hier had helaas de bezuiniging toegeslagen. Wel flesjes drank, een broodje en T-shirt (dank dank dank) maar geen stoelen. En dat is na 16 km rennen toch wel een leuk ding. Mag ik een tip geven voor volgend jaar...?
Na een half uurtje aan de hangtafel gehangen te hebben gaven mijn voeten toch wel een signaal af dat ze het verdomde koud begonnen te krijgen. Eigenlijk hadden we nog 1,5 uur moeten wachten voordat ons dames-wedstrijdteam de bovenste trede van het ereschavot mocht beklimmen, maar ik had weinig behoefte om daarvoor te blauwbekken met kans op ziekworden in die tent. Ons herenteam was trouwens zevende geworden. Ook niet slecht in dit sterke en hele grote deelnemersveld. Nee, niet blijven hangen dit keer. Er komen over 13 dagen tenslotte nog een paar marathonnetjes aan. We hebben afscheid genomen met de hoop elkaar in november weer te zien in Nijmegen met de 7-heuvelenloop.
Eureka, ik word gered !
De terugreis met de pendelbus van Zaandam naar Amsterdam loop voorspoedig. Onderweg roept de chauffeur nog even om dat PSV-Ajax geindigd is in 2-2. Lekker belangrijk in een bus vol met hardlopers. Het wordt zonder "Ah" of "Oh" aangenomen voor zoete (Zaanse?) koek. Vanaf de pendelbus loop ik naar de ingang van het Centraal station Amsterdam. En daar wacht me een grote verrassing op deze dag. Op de brug van de Prins Hendrikkade naar het station staat een man met lange baard in een lange jas. Hij heeft een bord bij zich waar een bijbelse tekst op staat en hij roept goedbedoelde teksten voor zich uit. Teksten die je overigens op elk geloof en elke God van toepassing kunt laten zijn. Ik wil gewoon de trein halen maar hij kijkt me strak aan zegt zonder twijfel in zijn stem: "Ook u jongeman, Jezus redt ook u." Ik bedankt hem hartelijk voor dit mooie bericht. Ik heb al zo vaak gehoord dat ik niet meer te redden ben... ik zou er haast wanhopig van worden, maar kennelijk is er toch nog een sprankje hoop. Er is nog hoop voor me. YES!
25e  van de 1504 businesslopers maar wat belangrijker is, het ging vandaag heel makkelijk. Had het dan toch harder gekund? Gemoeten?? Hoe dan ook toch weer een PR.
Ik kon er alleen nog maar om lachen, en stug stug doorlopen. Wat minder lekker liep waren al die korte haakse bochten in het parcours, door woonwijken en op fietspaden. Dat haalt het tempo er iedere keer compleet uit, zeker als je rekening houdt met gladheid door al het water dat er lag. En toch lachend op de foto. Uniek moment. Het gemiddelde tempo bleef ondanks alles heerlijk vlak, zo rond de 16,5 km/uur en eigenlijk liep ik heel makkelijk.  Menno begon wat minder vrolijk te kijken zo rond de 10/11 km. Van hem weet ik heel zeker dat hij dit tempo fluitend zou moeten kunnen lopen, maar nu even niet. Laat geworden zeker gisteren... Ik probeer hem de laatste 3 kilometer, met de eindstreep zowat al in zicht, mee te slepen, praten, gebaren, maar het lukt hem net niet meer om vast te klampen. Ik besluit, omdat het toch nog maar een kort stukje is, hem in de beste zin van het woord in de steek te laten en loop het richting de eindstreep. Niemand voor me, en niemand direct echter me. Ondankt de regen toch nog veel volk op de been langs de kant. Hulde. Laatste stuk nog even wat tempo erbij ging ook nog makkelijk en ik kom over de streep in 58:29 en Menno luttele seconden later. Jawel, mijn PR van de Florijnloop in jarunari 2011 is dus weer verbeterd. Inmiddels heb ik mijn tijden doorgemaild gekregen:
Ik blijf het leuk vinden om zo kort boven Amsterdam door de kleine dorpjes heen te rennen, waar de bewoners er heel veel aan gedaan hebben om het voor ons gezellig te maken. Heel veel muziek en versiering en gewoon veel gezelligheid. Ondanks de regen bleven veel mensen onder een paraplu naar de groepen lopers kijken. En het woord regen is eigenlijk onvoldoende voor wat er naar beneden kwam vanaf het km 8 punt. Met bakken werd het over ons uitgestort. Van de week zei ik nog (had ik dus niet moeten doen) dat ik nog nooit een wedstrijd echt in de regen gelopen had. Daarvoor werd ik nu bestaft. Alle regen die ik in vier jaar lopen had kunnen hebben kreeg ik nu over me heen. Het water liep centimeters dik over het wegdek, putten liepen niet meer door en plassen waren zo diep dat het bijna Wadlopen werd. Binnen een paar minuten  was ik dan ook helemaal doorweekt tot op, ja zelfs tot op dr. Geen droge draad meer aan je lijf maar om de een-of-andere reden maakt het dan ook allemaal niet meer uit.