De bedoeling was om de marathon van Utrecht samen te lopen met Kees, met als doel een PR voor hem; 3 uur 12, of sneller natuurlijk. Hij was het die me had overgehaald te starten. Ok, leuk plan. Maar toen werd Kees ziek en het herstel duurde langer dan gehoopt. Kees zegde af, maar wat moet ik nou doen? Mijn motivatie en zeker mijn doel was komen te vervallen. Starten doe ik wel, maar op welke tijd? Doelloos starten in Utrecht.
Paasontbijt uit een zakje
Vandaag geen verse sinaasappelsap, croissantje, kop thee en broodjes uit de oven. In tegendeel. De wekker gaat op tijd en wakker worden doe ik pas onder de douche. Brood smeren en op de fiets naar het station in Alphen. Het paasontbijt, zelfs zonder eitje, eet ik in de trein onderweg naar Utrecht. Bevrijd van alle Ikea-Paassleur wacht ik op een verlaten perron op de trein die, werkelijk waar, voor NS-begrippen keurig op tijd is. Ik stap in en zoek bovenin een plekje; links. Waarom links weet ik niet maar de enige keuze is links of rechts. Of helemaal voorin natuurlijk maar dat plekje is meestal al bezet.
April doet wat 'ie wil:  PR marathon Utrecht       9 apr 2012
Goed, ik zit en ben onderweg naar de marathon van Utrecht. Nu eerst een half uur voor de paasboterhammen uit een zakje en een paar slokken sportdrank. Ritueel. Elke keer hetzelfde, gewoon omdat het elke keer goed gaat. Straks een uurtje voor de start nog een boterham, een banaan en in dat laatste uur gaat de rest van de halve liter zelfgebrouwen sportdrank er achteraan. Daarmee moet ik het redden tot een kilometer of 25 maar zo ver is het nog niet. Nog lang niet zelfs. Eerst pauze met een ritje door de polder, via Bodegraven en Woerden. Muziek in de oren en nog wat tweets lezen of versturen. Vanaf station Utrecht is het drie keer struikelen en je staat in een andere wereld.  Een wereld waar het vandaag alleen maar om hardlopen gaat. In de Jaarbeurshallen kan ik mijn startnummer ophalen. Nummer 286 en ik kan er met geen mogelijkheid een symboliek in ontdekken. 286 minuten lijkt me iets te veel van het goeie. Nummertje opspelden en nog even rust inbouwen. Dit vind ik altijd de meest spannende minuten. Altijd weer die onzekerheid; hoe zal het gaan, hou ik het wel vol, ga ik niet te snel van start en blijf ik blessurevrij?
Ik haat dat vervelende uur voor de start. Ergens in een hoekje is een plek om nog even gestrekt te gaan. Muziek weer in de oren en de laatste twitterberichten lezen. Dan lees ik het bericht van Wendy; waar ik uithang? We vinden elkaar in de hal en ik tref een dappere vrouw die heel knap aan haar eerste marathon gaat beginnen, kort na een pittige operatie. Ik ontmoet ook John de Boer die mijn verhaal over stress en zenuwen lachend aan hoort. Ja, lach jij maar. Jij hoeft alleen maar lekker mee te fietsen straks, met een fototoestel om je nek. Ik moet dat hele eind weer gaan lopen. Moet? Ja, ik moet weer! Van mezelf.
Limbodansende start
Ik mag in de motregen, die helemaal niet vervelend is, het startvak in. Nog steeds geen idee op welke tijd/snelheid ik weg wil gaan. Stiekem hoop ik op een last minute ontmoeting met iemand in het startvak die een leuk voorstel doet. Niet dus. Voorin het tweede vak geen bekenden. Achteraan zie ik wel Marjolein nog het vak binnen lopen. Nu wordt het hoogste tijde mijn horloge in te stellen en zet mijn digitale loopmaatje op 4 minuut per kilometer. Niet als "doel" maar om onderweg een idee te hebben hoe het gaat. De burgemeester geeft het startschot en de genviteerde lopers sprinten als eersten vanaf de startlijn weg. De organisatie probeert gelijk met het startschot (te laat dus!) het plastic lint tussen dat supervak en mijn vak los te trekken. De beste man doet verwoede pogingen en rukt woest aan het lint dat alle medewerking weigert. Ooit gehoord van een mesje, een schaar, een aansteker of desnoods de karteltjes van een sleutel? We willen naar voren maar het lint zit in de weg. Als je tot je oren vol zit met adrenaline lijkt dit gedoe heel lang te duren, maar elke seconde bij een start is er n te veel. Uiteindelijk houdt hij aan zijn/mijn linker kant het lint omhoog en kunnen we vertrekken. Rechts is een start voor limbo dansers onder een schuin getrokken lint door. De stemming zit er gelijk in.
Snel beginnen en dan maar zien
We vertrekken over brede wegen van Utrecht richting Vleuten. Het valt me op dat we met een relatief kleine groep sporters grote wegen mogen gebruiken. Ruim baan dus, meer dan dat zelfs. Daarna worden de paden wat smaller en begint iedereen zo'n beetje zijn plek en ritme te krijgen. De route begint saai. Te veel asfalt, geen publiek en we lopen niemandsland in. Brug over en langs het kanaal waar de enige afleiding een grote duwboot is dit het opspattende water door de wind extra ver weg laat blazen. Geen slecht loopweer, zeker niet, maar de sfeer daar is troosteloos. Nou ja, nog maar een klein stukje. Nog maar 38 km. Zucht.
Ik loop vanaf de 4,5 km gelijk op met Inge de Jong die zegt te gaan voor een tijd van 2:45 en niet te snel wil starten. We lopen een paar kilometer samen, maar om een of andere reden laat zij het tempo iets (te veel?) zakken. Die zal me later dan wel voorbij komen knallen denk ik, dus ik blijf gewoon mijn eigen ding doen. Mijn benen voelen goed en daarom ga ik aansluiting zoeken bij  een groep van 6 man die een meter of 40 voor me loopt.
Op volle snelheid de verkeerde kant op
Ondanks het tempo wordt er nog wel wat gesproken in de groep. Mij wordt gevraagd wat mijn PR is en met mijn 2:48:56 op Terschelling krijg ik terecht de vraag of ik weet dat zij gaan voor een 2:45. Ja, ik weet het mannen, ik zie wel. Ik krijg het compliment dat ik ook net als twee anderen met regelmaat kopwerk doe terwijl dat eigenlijk gezien mijn PR te hard gaat. Dat doet goed, even zo'n compliment in de regen. Dan de vraag of ik als haas tot de 30 km loop en dan mijn race rustig uit loop. Nee, eigenlijk wil ik gewoon zien tot waar ik door kan lopen. Verbaasde gezichten mijn kant op. Sorrie.
Dan worden ook wij, net als de 10km lopers, rond de 28 km denk ik dat het voor ons was, door een verkeersregelaar de verkeerde kant opgestuurd. We liepen bij een kruising recht op hem af en hij wees met twee armen tegelijk, voor ons gezien, naar links waarop wij op volle snelheid de zijstraat in gingen. Hij reageerde verder niet maar zijn collega verkeersregelaar gelukkig wel. Toen ik een meter of 20 die zijstraat in was gerend kwam er een een grote brul achter ons aan. "Ho, terug, andere kant." Vol in de remmen en terug, waar we op de kruising linksaf het fietspad op moesten. Kortom, die verkeersregelaar had ons alleen maar het links van de weg gelegen fietspad om moeten sturen, en niet die zijstraat in. Vriendelijk bedankt, neem volgende keer een andere taak maar val mij niet meer lastig wil je?! (Liever ook geen lintje weghalen bij de start want dat is ook nog een hele opgave). Volgens mij het meest simpele wat er is, de lopers de goeie kant opsturen maar kennelijk was dat voor deze paashaas te veel gevraagd. Het had de organisatie wel gesierd om hier en daar bij afslagen wat pijlen neer te zetten maar er stond er geen n, en dat is vervelend als je niemand vr je in het zicht hebt lopen op wie je je kan richten.
Een jaar geleden....
Zo rond het halve-marathon-punt lopen we een paar lange stukken over de busbaan van Vleuten. Bij ieder bushalte hangen digitale informatieborden, met de tijd erop in zo'n klein display. Ik zie ze en blijf die klokken volgen. Ik kan niet anders. Mijn gedachten liggen nu bij precies een jaar geleden, tegen twaalven. Toen de Ridderhof nog gewoon een winkelcentrum in Alphen aan den Rijn was. Waar je je boodschappen deed omdat je dat altijd al deed. Ook op zaterdag, ook om 12 uur. Gewoon een zaterdag waarop ik buiten zat in de tuin met in gedachten de marathon van Rotterdam die de dag daarna was. In gedachten zag ik de Coolsingel, feestende en klappende mensen en alles wat daar bij hoort. Die gedachte werd gewist door sirenes, heel veel sirenes, piepende autobanden en helikopters heel vlak bij mijn huis. Er komt geen einde aan, lijkt het. Binnen no-time komt het nieuws van alle kanten bij me binnen over wat we nu alleml weten. Het niet te bevatten drama in de Ridderhof op 9 april 2011. Vandaag is er een herdenkingsplechtigheid met om 12:00 uur twee minuten oorverdovende stilte. Ik hoop dat dt tenminste dan nog fatsoenlijk kan verlopen. Hardlopen is niet altijd "verstand op nul en blik op oneindig." Het zijn een paar verwarrende kilometers die ik rond 12:00 uur loop.
Koppie er bij en heel blijven
Inmiddels ben ik alleen komen te lopen. Onze groep was uit elkaar gevallen en de rest is me voorbij. Ik probeer zoals altijd wat te rekenen en weet dat ik ver, ver voor lig op een sub 3. Ik zeg eerlijk tegen mezelf dat ik echt een PR in het zicht heb en zelfs daar nog wat marge op heb. Maar ik ga niet voor een tijd, ik ga voor "heel blijven" en voor "Rotterdam". Maar ja, als je in de verte een PR ziet liggen, wat doe je dan? Vanaf de 35 km. draaien we eindelijk weer een beetje de bewoonde wereld in en kunnen we aan Utrecht zelf beginnen.
Ik tel af. Nog maar 7 km, nog maar 6, nog 5. En nou ga ik echt serieus rekenen. Nog 25 minuten voor 5 km om op en PR uit te komen. Ik loop tot nu toe nog geen 4 minuut per kilometer dus heb bijna 5 minuten speling. Maar het gaat niet meer. Ik voel alle twee m'n kuiten strak staan en weet dat, als ik nu zo door ga, de kans op kramp bij iedere stap toe neemt. En ik moet en ik zal volgende week Rotterdam lopen. Veel belangrijker dan welke tijd hier in Utrecht. Ik kies voor blessurevrij en ga even wandelen, even rekken en op m'n tenen lopen. Wat is dat dan lekker, even niet meer rennen als het ook niet meer lekker gaat. De finish komt zo niet dichterbij. Ik pak na
die korte wandeling het rennen weer op, maar veel voorzichtiger, veel rustiger. Moet ook wel. Veel bochten en de bestrating met die bekende kinderkoppies is door de  regen toch wat glad geworden, dus voorzichtig doen. Ik moet weer een keer wandelen maar weet dat ik tijd genoeg heb om ondanks dat toch een PR te lopen. Een tijd maakt me niet uit, als het maar sneller is dan ooit en dat gaat lukken. Zeker weten. Op het moment dat ik onder de Domtoren door mag rennen, toch het symbool waar je al 40 km naar op jacht bent, kan ik het niet laten: even stoppen onder de poort en ik geeft die toren een zoen. Gewoon omdat ik hem/haar wel zoenen kan na 40 km rennen. Applaus en gelach van de toeschouwers die daar gelukkig inmiddels wl stonden. Ik moest ook onderweg al denken aan het boek dat Thea Beckman heeft geschreven, "Stad
in de storm", dat zich voor een heel groot deel in Utrecht afspeelt. Ik heb het altijd een leuk boek gevonden, en nu ren ik daar mijn rondje. Een snel rondje. Nog 3 kilometer maar nu weer even wandelen. Het kan me niet meer schelen. Ik ga het redden dat PR, ik weet het zeker. Een keer of 4 heb ik een stukje gewandeld en het zal me een zorg zijn. Nog 1 kilometer en dan ben ik er. Hier geen streep met "1000 meter" zoals in Rotterdam dus het is een beetje gokken, maar daar is dan de finish.
Rond de 10 km fietst enthousiaste Nesrine een stukje mee en maakt gelijk deze twitterfoto.

Volop in de zweeffase ziet het er uit alsof ik me  verontschuldig voor het feit dat ik daar wel mag lopen en zij, door een blessure, nog niet.

Sorrie Nesrine, even geduld nog en dan mag jij weer rennen. Bij mij gaat het nu prima maar we zijn dan ook nog niet zo lang onderweg. Tot nu toe is het nog spelen, tempo zoeken en warm draaien. Na de 30/35 km begint het spel tenslotte pas. Het marathonspel dat ik vandaag voor de 20-ste keer speel en waar ik me steeds weer op verkijk.
Vanaf de 12 kilometer ben ik bij die groep van 6 man die voor me liep en ook dit blijkt een groepje 2:45 te zijn. En daar loop ik dan tussen. Dwaas. We slingeren door het Maximapark heen en het tempo ligt me te hoog. Te hoog in ieder geval om dit tot het einde vol te houden maar dat maakt me niet uit. Samen met twee anderen uit de groep nemen we kop over kop en ik wil me niet laten kennen, dus als ik op kop ga sleur ik gewoon door. Ben benieuwd hoe lang ik dit vol kan houden.
Sorrie, een PR
42,190 meter had ik met het petje op gelopen maar die laatste 5 meter gaat het petje af. Petje af voor mijn kuiten die het vol hebben gehouden. Het ging veel te snel voor het leuke, veel sneller ook dan de bedoeling was. Dat kan ook niet anders want ik vertrok bibberend van spanning znder bedoeling. Dat was niet handig maar het levert wel een leuke tijd op blijkt dan toch.

Finish in 2:48:07 dus mijn PR van Terschelling 2011 is met bijna 1 minuut verbeterd. Natuurlijk ben ik blij. Blij dat ik het weer gehaald heb en dat anderen ook hun doel gehaald hebben, wat ieders doel dan ook is. Voor mij is dit PR leuk, maar niet meer dan dat. Er zijn veel belangrijkere dingen dan een paar minuten of seconden.

Ik loop terug naar de hal, naar de kleedruimte om daar droge kleren aan te trekken. De schoenen mogen 6 dagen drogen want dan staat de marathon van Rotterdam al voor de deur.
Dan door naar de trein en al twitterend en toch best wel tevreden terug naar huis.