Dat het vandaag op de halve marathon van Haarlemmermeer niks zou kunnen worden, dat was me al duidelijk. Rare week achter de rug, enorm slaaptekort en nog slecht geslapen ook. Samen te vatten als moe & bekaf en dan sta je echt niet te trappelen om een halve marathon te lopen. En al zeker niet op tempo. Toch maar gegaan, gewoon als training omdat over 4 weken echt weer een hele marathon staat te wachten, in Zwolle.
Loodzware kilometers na vakantie      2 sept 2012
Vlag wordt spandoek
Zoals altijd was het bij de Haarlemmermeerrun weer keurig geregeld. Opvang en kleedruimte in de Fanny Blankers Koen sporthal en van daaruit met pendelbusjes naar de startlocatie. Prima service. Mijn eerste taak in het start/finish gebied was het ophangen van mijn verjaardagscadeau dat ik van Maaike en Henk had gekregen. Beetje reclame maken voor jezelf mag toch wel? Met de marathon van Rotterdam finish ik al drie jaar met de Nederlandse vlag waarop (met alle eerbied voor de vlag maar wat minder voor mij) geschreven staat: “Grijs, maar niet gek”. Die vlag is nu vervangen voor een echt spandoek met een foto van mij tijdens de marathon van Rotterdam in 2011. Met Maaike is afgesproken dat dat spandoek voortaan mee op de foto gaat als zij in de buurt is.
In het startvak ontmoet ik de twitteraar Marek Vis en ook Barry is van de partij. Alle twee hebben ze ook niet echt het gevoel dat het lekker zal gaan vandaag en pakken deze wedstrijd meer mee als trainingsloop dan om echt te willen/kunnen knallen vandaag. Ik zet in op een tijd zo rond de 1:22 / 1:24 wat in de buurt ligt van mijn trainingstijden. Radio aan, oordopjes in en wachten op het startschot. We gaan trouwens dit keer de andere kant op. Vorige keren vertrokken we naar het oosten om eerst een ronde door Hoofddorp te doen, maar dit jaar is het gelijk de stad uit richting Polderbaan. De kilometers die je daardoor te kort komt worden gecompenseerd door via het Haarlemmermeersebos terug te slingeren. Je zou er dronken van worden en het parcours is er zeker niet makkelijker door geworden.
Eerst dus naar het noorden, richting de Polderbaan. Het voelt gelijk al zoals ik verwacht had. Wat dat betreft jammer maar dus geen teleurstelling. Geen zware benen of zo, maar gewoon een algeheel gevoel van lamlendigheid met een sausje vermoeidheid. Niet het recept om even lekker een stukkie te rennen. Toch maar op pad met het tempo om tegen die 1:24 te finishen, verval aan het einde zeker vandaag meegerekend. Een stuk of wat lopers gaan er werkelijk als kometen vandoor. Tot ziens, hoewel ik besef dat ik ze niet meer ga zien. Als ik na 6,5 km linksaf het fietspad langs de landingsbaan op draai weet ik het zeker; Dit wordt vechten om hem überhaupt uit te lopen. In mijn oren komt het nieuwsbericht van die dag; Emile Roemer wil alleen in het kabinet als hij premier van Nederland mag worden. Tuurlijk Emile denk ik, tuurlijk, en ik wil Haile Gebrselassie verslaan op de marathon. Ieder z’n dromen.
Ik zie het inmiddels totaal niet meer zitten maar precies op het moment dat het eerste vliegtuig naast me vol in de remmen gaat, gaat ook mijn telefoon. Het is Henk die samen met Maaike op de motor op me staat te wachten bij het 10km punt. Ze zijn op de motor zodat ze richting Vijfhuizen een stukje met me mee kunnen rijden, een paar foto’s kunnen maken en toch ook weer op tijd bij de finish kunnen staan om het spandoek aan te geven. Garmins en TomToms zijn geprogrammeerd, Twitter en WhatsApp staan aan en Maaike achterop de motor is het mobiele meldpunt voor alle ellende vandaag.
Vanaf Vijfhuizen ga ik linksaf solo verder en duik een park in, of is het nou een bos.
Het tempo gaat er in ieder geval helemaal uit, lijkt het. Ik vind het benauwd en loop leeg van het zweet. Het zout loopt in m’n ogen en dat doet zeer. Met een spons van de verzorgingspost poets ik het weg. Q-Music knettert nog steeds in de oortjes en ik hoor iemand die meent bij “raad het geluid” het geluid te herkennen van het met een eierprikker kapot prikken van een eitje. Zeker, daar let ik ook altijd op als ik een eitje prik. Hoe zou dat klinken. Volgend weekend toch eens op letten; spanning alom. De jury blijkt nee te schudden en ik ben inmiddels weer een kilometertje verder.
Voor nu verder niet belangrijk en ik ga naar de finish om Marek te ontvangen die als 26-ste met 1:29 en een gezicht dat op onweer staat over de finish komt. Hij is ook niet echt tevreden vandaag. Natuurlijk wacht ik ook op Barry die kort daarna aan komt in 1:50. Ook een gezicht van “ik lach wel maar ik ben niet blij” en daarom gaan we snel weg. De Pendelbus brengt ons vlot naar de sporthal waar we na de douche aan de bar met warme chocomel en cola vooruit blikken op nieuwe doelen.
Maar het maakt me niet uit vandaag. Uitlopen Frank, gewoon uitlopen en het alleen maar zien als training. Hoewel, bij een training zou ik allang de kortste route naar huis genomen hebben. Nu is het nog even doorzetten. Langs de schaapjes, langs de molen en de bebouwde kom in. De straat in waar ik twee jaar geleden met onwijze kramp liep te schelden en verleden jaar mijn slokdarm anti-peristaltische bewegingen maakte. Nu voelt het alleen maar moe en voor de rest niks. Niet blij, niet boos maar gewoon leeg. Zo ken ik mezelf eigenlijk nog niet. Rechtsaf, nog 200 meter tot de finish en het staat lekker vol met publiek. Prima sfeertje en inderdaad staan Maaike en Henk zo’n 30 meter voor de finish. Perfecte timing.
Jaaa, bij ons in de familie laten we niets, maar dan ook helemaal niets aan het toeval over om iemand bij wie de moed compleet in de sportschoenen gezakt is goed in beeld te krijgen. Iedereen zal er vandaag live getuige van zijn dat het totaal niet gaat. Maar we blijven lachen.
We kronkelen over grintpaadjes door het park en ik heb spijt. Spijt dat ik me heb opgegeven voor nog een marathon dit jaar en spijt van mijn inschrijving voor de 60-van-Texel. Als dit al niet gaat, wat moet dat dan worden met al die andere dingen. Ik probeer terug te denken aan de loopjes waar het beter ging; Utrecht, Rotterdam, Enschede aan het begin van dit jaar. Ik kan dus wčl een stukje rennen, probeer me te concentreren op de muziek en waggel verder. Meer dan waggelen is het voor mijn gevoel niet meer, hoewel de km-tijden achteraf nog wel mee blijken te vallen. De loophouding is er niet, ik zak door, geen knie-inzet meer en in niets maar dan ook niets zou je kunnen ontdekken dat ik toch wel vaker een stukje aan het rennen ben ondanks de zweeffase op deze foto.
Ze hebben het spandoek voor mij al losgemaakt en geven het mee in mijn laatste dribbeltje. Drie fotografen duiken op de grond om mij met spandoek vast te leggen en ik krijg het Olympische gevoel. Nee, niet dat ik een wereldprestatie geleverd heb, maar dat meedoen belangrijker is dan winnen. Altijd al, maar zeker vandaag. Rustig aan met het spandoek over de streep in 1:23:19 , voor wat het waard is.

Ik plof neer op de stoep en ben gewoon blij dat het klaar is. Blij dat ik er toch aan begonnen ben vandaag en blij dat ik me nu kan gaan richten op het inmiddels bekende marathonwerk. Om een of andere reden vind ik hele marathons makkelijker dan het lopen van een halve. Alsof ik mijn energie makkelijker over de hele kan verdelen dan over de halve waarbij ik me realiseer dat er nu vast een lezer zal zijn die op zijn/haar voorhoofd tikt.
Drie dagen na de wedstrijd, 's middags aansluitend op het werk, kon ik het niet laten. Voor het naar huis gaan even de sportschoenen aan en lopen. Wraak op mezelf. Ik moet van mezelf nu gewoon weer als training 21,1 km lopen in het recreatiegebied van Alphen. Beetje dom rondjes lopen rond de Zegerplas. Rustig starten en met steeds vlottere kilometertijden, tot het einde aan toe versnellend, resulteerde het in een tijd die bijna 2 minuten sneller was dan afgelopen zondag.

En nu gaan we weer normaal doen.