Zwoegen bij marathon Leiden       18  mei 2014
Het is warm. Of beter, het is in een paar dagen tijd plotseling veel warmer geworden dan ik had gehoopt. Verleden week nog regen, wind en hagel, en nu staan we vr de start in Leiden al te mopperen dat het te heet is. Het excuus voor een slechte tijd hebben we alvast. We hoeven alleen nog maar te lopen. 42 km via Zoeterwoude-Dorp, Zoeterwoude-Rijndijk, Koudekerk, Hoogmade, Roelofarendsveen, Oud-Ade, Leiderdorp en door naar de finish. Het is gewoon een flink stukje doorlopen.
De planning
Eigenlijk heb ik vandaag geen zin. Kan je wel eens hebben toch? Alleen is "geen zin" een verdomd slechte motor in een lijf dat straks een marathon moet gaan lopen. Juist die motivatie is zo belangrijk voor een duursporter. Ben ik niet degene die altijd zegt dat je bij een marathon 30% haalt uit je (trainings)ervaring, 30% uit je spierkracht en 50% uit je wilskracht. Nou, dan wordt het vandaag een zware dobber. Een echte eindtijd voor vandaag had ik al niet in gedachten of het moet dan die tijd onder de 3 uur zijn, maar eigenlijk zal het me een zorg zijn vandaag. In het startvak blijf ik twijfelen en het is wr Danny die me aan een oplossing helpt. Ik start altijd te snel, hij naar ons oordeel iets te langzaam en de tijd die daar zo ongeveer tussen ligt is 4 minuut per kilometer, en 0 seconden. Die secondes, daar gaat het om. We besluiten dus maar een stuk samen op te trekken en zeker tot de helft samen te blijven. Daarna zien we wel weer.
Slaapverwekkende routine
We vertrekken dit keer vanaf een andere plek in Leiden. Driehonderd meter naar het zuiden ligt nu de startstreep. De gemiste meters zullen we vast wel weer ergens goedmaken onderweg. Stad uit en gelijk de brede weg op naar Lammenschans. Op dit stuk nog veel supporters over de hekken die stuk voor stuk een glimp op proberen te vangen van hun sportheld van vandaag die getraind heeft voor de hele of halve marathon. We starten gelijktijdig dus je ziet op de rug nooit wie welke afstand gaat lopen. Soms verraadt het postuur iets omdat een sprietje nou eenmaal makkelijker over het parcours rent dan een chinese worstelaar. Aan het einde van Lammenschans draaien we linksaf naar het viaduct over de snelweg. Zonnetje in de snuit, klein beetje wind en het voelt warm en klam.
Ik merk dat ik gewoon op routine draai, mijn horloge scherp op die afsproken 15 km/uur houd en eigenlijk gewoon m'n ding aan het doen ben. Geen gevoel van Yes weer een marathon (jazeker, dat gevoel bestaat echt), of gevoel van vrijheid blijheid omdat je lekker 3 uur niks anders hoeft te doen dan lopen. Nou ja, wie weet komt het nog vandaag. Ik probeer Danny wel in de flow te krijgen want dit is voor hem een iets ander tempo dan hij gewend is. Hij kan het best, dat heeft hij op de minder lange afstanden al bewezen maar op de marathon wil hij die magische grens van 3 uur ooit een keer aantikken. Zijn broer loopt naast ons mee maar doet de halve marathon. Als we Zoeterwoude-Dorp in komen zitten hier en daar in de tuin een paar mensen die het voor ons gezellig proberen te maken. En voor zichzelf ook neem ik aan als ik de grote kannen koffie en schalen broodjes zie staan. Lekker uitgeslapen en in je tuin in de zon kijken naar maffe hardlopers die in gevecht zijn met hun horloge. Ze moedigen ons met plezier aan, wij roepen af en toe wat onzin terug en dan, net op het punt waar het bij de oude route altijd gezellig werd, draaien we linksaf het dorp uit en de polder in.
Waar kleine dorpjes groot in zijn
Door de saaie lange wegen tussen de weilanden door gaan we naar Groenendijk en Zoeterwoude-Rijndijk. Rechts, in de verte 9 km verderop, zie ik Alphen liggen. Als ik nu rechtsaf sla en naar huis ga sta ik over 3 kwartier onder de douche, maar zo werkt dit spelletje niet. Gewoon de bordjes volgen en uitlopen deze 40-ste marathon. Door ziekte helaas al een keer de kreet DNS (did not start) achter mijn naam gehad, maar DNF (did not finish) overkomt me alleen als een kudde hyena's mijn pad verspert. En zelfs dan zal ik proberen iemand uit het publiek te trekken om zich, wellicht niet geheel vrijwillig, op te laten offeren als afleiding. U bent dus gewaarschuwd voor dergelijke situaties. Aanmoedigen op eigen risico.

Onder de snelweg door en dan een blik op het horloge. De laatste 5 km gingen in  0:20:05 zodat we nu na 10 km in 0:39:59 doorkomen. En seconde onder het plan dat we hadden. Houston (we've got a problem) zou jaloerse trekjes krijgen bij deze atoomprecisie. Onder het spoor door en dan komen we in de metropool Groenendijk. Ik heb er speciaal een link van gemaakt zodat u zelf kunt controleren dat het volgende niet gejokt of slecht verzonnen is; Groenendijk is zo klein dat het geen bebouwde kom heeft omdat je dan twee borden (begin- en einde-) aan dezelfde paal moet schroeven, er is geen inwonersaantal van bekend (ze tellen het voor het gemak maar bij een andere plaats op) en zelfs het aantal huizen is niet bekend. Logisch dus dat dit buurtschap, want dat is het, compleet op z'n kop staat als de hele en halve marathon van Leiden door hun dorp dendert. Massale volksoploop in Groenendijk kan je wel zeggen. Zelfs een podiumwagen met gastspreker verwelkomt ons en vraagt te zwaaien als we uit Alphen komen. Groenendijk hoort sinds een paar jaar bij Alphen, vandaar deze euforie. Ik zwaai enthousiast en de speaker roept mijn naam om. Kan komen omdat ik wereldberoemd ben in heel Groenedijjk of omdat hij een lijst met startnummers en bijbehorende namen heeft. Ik gok op het eerste en laat mij lekker in die waan.
Het uitzinnige publiek staat op z'n kop, de straat is super versierd en ze mogen trots zijn dat ze vandaag een hele trekker met opleggerpodium in hun dorp hebben weten te wringen. Ik schat dat ik met een pas of 35 het dorp in en uit ben onderweg naar de pontonbrug bij Zoeterwoude-Rijndijk, voor de alcoholisten onder de lezers beter bekend als de plek tegenover de Heineken fabriek. Oh dr. Juist ja.
Op weg naar de helft
Op de hoek met de Hoogewaard, waar wij linksaf de Lagewaard in slaan, staat weer een collega van me, Ron, en tijdens een fly-by volgt een high-five. In gedachten zie ik hem straks hoofdschuddend van de kruising weg gaan met een hoofd vol verbazing en afgrijzen over het lopen van een marathon. Hij heeft gelijk.
Het stukje 5 km tussen Koudekerk en Hoogmade kost me 20 minuut 37 waarmee het Zwitsers uurwerk dus een 6 seconden op de kilometer weg heeft gegeven. De koekoek in de klok is kennelijk ik slaap geduveld. So what! Na Hoogmade volgt weer een oeverloos saai stuk route. Hoe meer ik er over na denk hoe zekerder ik het weet; Leiden heeft het meest saaie parcours dat ik ken. Kan ook komen omdat ik grote delen kan dromen en er nergens verrassingen in zitten, maar toch, het is ook echt saai en je kan er beter maar heel hard over heen rennen. Wat een idee. Danny heeft inmiddels een paar keer af moeten haken. Een paar meter iedere keer, maar het gaat gewoon net even te hard ondanks dat ons tempo meer dan een beetje is gezakt. We maken de afspraak dat we in ieder geval samen over die 25 km heen gaan, en daarna zien we wel weer. Of eigenlijk is het zo dat ik tegen Danny zeg dat hij het hart niet in z'n lijf moet hebben om voor de 25 km in Roelofarendsveen al in elkaar te klappen, niet moet janken en door moet blijven stampen. Ja, ik ben altijd heel vriendelijk als ik iemand naar een bepaald punt moet slepen, duwen of trekken. Resultaat is in ieder geval wel dat we samen dat punt bereiken in 1:42:54 waaruit blijkt dat we 22:13 nodig hadden voor de laatste 5 km. Het tijdschema kan verder lekker de boom in en dat voelt dan ook wel weer als bevrijding. Bij een drankpost -ik gebruik die posten trouwens allemaal vanaf de 15km-  spreekt een dame die ik niet ken (!) me aan met de tekst dat ik de groeten van haar dochter moet hebben. Heel kort een schrikmomentje. Wat weet zij wel wat ik niet weet?! Gelukkig blijkt de oplossing heel verklaarbaar en niet interessant genoeg om hier verder op in te gaan. Voor de lezer voor altijd een vraag, voor mij een weet.

We gaan, of beter, ik ga want ik loop inmiddels alleen, onder de snelweg door van Nieuwe Wetering naar Rijpwetering en Oude-Ade. Duidelijk een moment van bezinning want hier gaat het recht-toe-recht-aan, en als je dacht dat je het saaiste stuk al gehad had wordt je nu gestraft. Het kan altijd erger blijkt maar weer dus dan maar genieten van de muziek in de oortjes. Drie nummertjes verder mag ik door Rijpwetering naar zonder meer het mooist en leukst versierde dorp op de route, Oude-Ade. Hele dorp in de witte Romeinse zuilen, iedereen die wilde en misschien ook niet wilde in witte jurken, badhuisgewaden of wat het ook allemaal was. Meerennende dorpsgekken met trossen druiven. Een heldenontvangst en dat maakte de afgelopen ruim 30 km meer dan goed. Die 30 km gingen trouwens in 2:04:18 met de laatste vijf in 0:21:24 dus het viel eigenlijk nog wel mee.

Bij de brandweerkazerne was net als vorig jaar de drank- en eetpost ingericht. Ik besluit een ruime pauze te nemen. Goed en rustig drinken want je weet nooit wanneer je weer wat krijgt. Ik sla het kraampje met eten over maar neem wel een beker sportdrank en een beker water. De man met het dienblad vol bananen kijkt zo zielig als ik niks neem dat ik, voordat ik vertrek, toch maar een stuk neem. Hij kan ze moeilijk weer terug in de schil stoppen aan het einde van de dag. Op naar Leiderdorp nu en als ik het lange fietspad op ga en ergens in de verre verte een molen zie staan, maar verder niemand in de buurt, krijg ik het een beetje benauwd. Een kilometer lang voor me uit zie ik niemand en ook een kilometer lang achter me niemand te zien. Warmtegolfjes kringelen uit het asfalt, vogels (ik vermoed nu geen Schijtlijsters maar Aasgieren) cirkelen boven mijn nog steeds voortslepend sixpack en ik zet alles op alles om niet hier het loodje te leggen. Voordat de volgende loper langs komt om me te redden is mijn sportlijf gedegradeerd tot een door roofdieren leeggevreten karkas. Wie weet word ik dan pas de volgende dag gevonden door een groepje scholieren die mij aan zien voor een muizenskeletje en ga ik in de pauze op het schoolplein van hand tot hand. Ondanks de warmtegolfjes toch een koude rilling en ik besluit niet meer te stoppen tot ik bij die molen ben, daar in de verte. Dat lukt en daar op de 35 km (in 2:30:30 na een blokje 5 km in 0:26:12, inclusief eenvoudige maar doeltreffende lunch) is gelukkig weer een beetje bewoonde wereld, met een drankpost bij een aardige familie die langs de route woont. Er staat ook een politieman te bellen, laten we hem Henk 1 noemen, en hij kijkt me bezorgd aan. Hoe het gaat vraagt hij want hij heeft me wel eens minder vemoeid gezien zegt hij. Ik hoef niet veel uit te leggen over hoe ik het vind gaan op mijn 40-ste marathon, en als ik mijn zorgen uitspreek over wat er allemaal nog na mij gaat komen of mijn zorgen over al die mensen die straks ongetraind de 10 km willen doen, geeft hij duidelijke orders door de telefoon om geen risico's te nemen. De boel wordt "opgeschaald" om maximale medische zorg te kunnen verlenen. Toch een beetje blij dat ik de boel een zetje heb kunnen geven vertrek ik voor mijn laatste 7 kilometer.

Nog maar 7 en dat moet te doen zijn. Nadeel is wel dat ik de kramp nu op voel komen in m'n kuiten en dat is geen pretje. Gaat het mis met kramp dan kan je eigenlijk wel stoppen weet ik van de marathon van Haarlemmermeer, zeker als je geen hulp bij je hebt. Ik strompel wat langs een drankpost en de EHBO die er naast staat duikt boven op me. Figuurlijk dan. Een werkelijk alleraardigste dame schat snel en goed in wat er aan de hand is en hoort me uit wat mijn plannen zijn. Ze is een bikkel want het lukt haar bijna me uit de race te praten. Bijna, want ik overtuig haar dat ik niks geks ga doen vandaag en dat ik desnoods over 100 meter, of waar dan ook, echt wel uit stap als het niet meer gaat, maar nu nog niet. Ik rek en strek wat, ze geeft nog wat tips waarvan de meest belangrijke is dat ik zeker niet te vroeg weer moet gaan rennen. "Wandel gewoon een paar honderd meter. Doe het nou!" Ik dribbel, zodra het kan n ook weer mag van mezelf, naar de bebouwde kom van Leiderdorp. Het knopje haas-schildpad zoals je dat kent van rollator van opa staat nu duidelijk op schildpad maar het maakt niet uit. Ik ruik het biertje al dat net als verleden jaar bij de marathon van Leiden bij de finish op me staat te wachten en kronkel langzaam maar zeker door het centrum van Leiden. Af en toe wandelen omdat de kramp nu steeds nijdiger van zich laat horen, maar nog altijd ben ik het die wint van mijn kuiten. En zo hoort het ook. Langs de kant eindelijk wat meer publiek, kroegen met muziek en de stemming is prima zo.
Pauze
In de finishstraat plof ik neer op de rand van een kraampje om naar huis te bellen dat ik er weer ben. Toch wel een fijn idee als ze weten dat ik gezond ben aangekomen. Dan zie ik ook Danny die vlak achter mij is gefinisht. Hij liep gestaag door terwijl ik steeds voor hem uit liep en te pas en te onpas wat pauzes nam.
Op naar Groenendijk. Een blik op mijn horloge leert dat we op het 5km punt langskomen in 0:19:54. Een Zwitsers uurwerk  is vergeleken bij deze prestatie tot kermisklokkie gedegradeerd. Eerst volgen nog ruim 6 kilometer bloedstollend saaie groene polderkilometers. Om te trainen heerlijk, maar er is geen motivatie uit te halen om nog bijna drie uur doorheen te moeten rennen. Koeien kijken ons schaapachtig aan en een vogel besluit op de kop van Danny's broer te schijten. Het was een forse vogel kan ik u vertellen (een Schijtlijster wellicht) en de enige troostende woorden die ik voor hem heb is dat hij de halve marathon doet en nog maar 14 km een kakhoofd heeft. Tel je zegeningen.
We lopen over de parkeerplaats van de Rijnekeboulevard, de meubelwinkelstraat die ongetwijfeld de boel gesponsord heeft, vandaar dat ik hier voor de zekerheid hun naam vermeld. Er was niks meer te beleven dan een marktkraam met plastic ik-knijp-je-fijn bekertjes en een muziekband (die nog zweeg toen ik langsrende) maar toch een woord van reclamedank voor de Rijnekeboulevard. Gewoon volgend jaar weer een duit in het zakje zodat de moeite van alle vrijwilligers ook financieel wordt ondersteund. Dank u. Rechtaf het hoekje om naar de door de genietroepen aangelegde pontonbrug. Leuke PR van die mannen, en vrouwen denk ik. Aan de kant staat collega Martin die probeert een foto van me te maken. Zelfs als ik een pitstop voor zijn neus maak, m'n te grote zonnebril af zet en hem de kans geef zijn carrire uit te breiden naar sportfotograaf, blijkt dat een hopeloze poging. De foto blijkt later mislukt en Martin dus ook als sportfotograaf. Lekker stampen op de pontonbrug en aan de overkant scheiden de wegen zich tussen de halve marathonbikkels en de hele bikkels. De broer van Danny slaat linksaf op zoek naar een fles anti-lijster-Schwarzkopf-shampoo en wij gaan rechtsaf.

Op naar Koudekerk en een heel licht windje blaast een beetje koelte op ons af. Nog een dikke drie kilometer tot Koudekerk en we voelen en weten dat het inmiddels zwaarder gaat dan ons lief is. Te zwaar om lekker te kunnen lopen en als we eerlijk zijn weten we nu ook al dat we dit niet vol kunnen houden tot Leiden aan toe. Maar zo ver zijn we nog lang niet. Eerst maar eens op zoek naar wat bekenden langs de kant in Koudekerk. Inmiddels fiets collega Nico al een poosje naast me. Zelf sportief en ook hij moet kunnen zien dat we het zwaar hebben. De praatjes zijn inmiddels aardig verdwenen en ondanks de paar aanmoedigingen onderweg zakt de moed steeds verder in m'n sportschoenen. Koudekerk! We zijn er. De doorkomst  op de 15 km is in 1:00:04 wat goed klinkt maar des te vermoeiender voelt vandaag. Wordt Koudekerk ons Waterloo? Links de moeder van Ronald aan de kant samen met Merit. Een blik van herkenning en dat doet goed. Dan staat rechts de wannabe fotograaf Martin er weer die kennelijk bezig is om razende reporter te worden. Wonder boven wonder lukt het hem een foto te maken. Chapeau.
Vandaag is het inderdaad een vreselijke opgave maar gelukkig staan Petra en Tjitske 100 meter verder, met spandoek en flesjes drinken om me een beetje moed toe te schreeuwen voordat ik de lange rechte saaie en warme Mattenkade op moet. Het kleine flesje AA geeft wat energie, maar kan nooit aanvullen wat mijn benen nu te kort komen. Ik besluit het tempo een heel klein beetje te laten zakken. Voor mij is nu al duidelijk dat die sub 3 alleen maar haalbaar is als ik flink te keer ga vandaag, en daar heb ik met deze 40-ste marathon totaal geen zin in. Zeg maar gerust dat ik inmiddels "sportwijs" geworden ben. Waarom jezelf opblazen voor een paar minuten sneller? Het is maar gewoon een spelletje met een klok, met cijfers die een getal vormen en ik laat me daardoor de les niet lezen. Ik bepaal wanneer ik welke tijd loop en niet de kalender of mijn omgeving.
Ik voel dat ik het weer ga redden vandaag en als ik langs de 40 km kom in 2:56:43 na een blokje 5 km van 26:13 (wat zal ik er van zeggen met die lange pauzes en het mondelinge EHBO consult) weet ik dat het vandaag geen succes was. Of toch wel verdorie. Weer een marathon gelopen, met een beetje kramp maar verder lijkt het toch weer gezond af te lopen. Over de puntig brug, scherp linksaf langs het water en naar de binnenstad toe. Hier liep ik gisteren ook om het startnummer te halen met Tjitske.
Ik hoor de speaker enthousiast de boel opzwepen. Op de terrassen is het megadruk, de zon straalt en de finishlocatie krijgt een dikke tien.

Twee fotografen liggen op het wegdek om een foto van me te maken. Nog 200 meter, het is giga druk achter de dranghekken en toch hoor ik rechts aan de kant een brul: "Frank!" . Er zijn geen andere lopers in de buurt dus het moet echt voor mij zijn. Het is collega Nathalie die hier natuurlijk al sinds vanmorgen de hekken werden neergezet op me heeft staan wachten om me over de finish te schreeuwen. Gelukt!

Handen omhoog en over de streep in 3:09:18. Zeker niet de tijd die ik wilde hebben, zeker geen tijd om over naar huis te schrijven, mailen, whappen, pingen, sms-en of wat dan ook. Wel gewoon weer een marathon. Streep er onder en heel snel het biertje halen want dat heb ik wel verdiend, vind ik zelf en wie houdt met tegen.
Zeker vandaag doet iedereen het op de manier die het beste bij hem of haar past. Aan het einde van de finishstraat staan hulpverleners met elkaar te overleggen en wordt inmiddels de extra EHBO tent ingericht die met een ambulance en aanhanger aan is gekomen. Opschalen was het toverwoord. Nu is het nog rustig bij de finish maar straks komt de massa 5 en 10 km-lopers binnen, waarbij altijd een grote groep zit die zichzelf overschat. Laten we hopen dat iedereen vandaag vooral ook met z'n verstand loopt. Vergeet een snelle tijd, drink genoeg en geniet van het feit dat je gezond kan starten en hopenlijk ook weer gezond kan finishen. Van een collega, we noemen hem voor het gemak maar even Henk 2,  krijg ik de tip/vraag/opdracht/bevel "dat je op één been niet kan lopen" wijzend op mijn biertje. Ik wens ze succes vandaag en ga terug naar de Amstel stand (het is niet echt mijn merk maar na 42 km is alles wat koud en nat is echt goud waard) en krijg met een grote grijns nog zo'n koude gele plens met mooie schuimkraag.
Door de langzame laatste 15 km ben ik minder moe dan verwacht en ben ik binnen 5 minuten hersteld. Het voelt goed. Dan wandel ik naar de douche, naar de trein en door naar huis. Voorlopig even pauze. De volgende marathon is pas 12 oktober in Graz in Oostenrijk. Tot die tijd lekker buiten spelen. Oh, haast vergeten. Aan het begin van dit verhaal had ik het over procenten van inzet. Wie weet dacht je even dat ik niet kan tellen omdat ik op 110 procent uit kwam, maar dat is ook precies wat ik bedoelde. Een marathon kan je alleen lopen als je er méér dan 100% gemotiveerd bent. Succes met trainen...