EK-marathon in Graz     12 okt 2014
De tijd heeft zeker niet stil gestaan. Er is de afgelopen 3 jaar veel, heel veel gebeurd maar toch ben ik weer uitgenodigd om voor mijn werk deel uit te maken van het wedstrijdteam dat mee gaat doen met het EK-marathon in Graz, in Oostenrijk. De coach ziet het nog steeds me zitten omdat ik de marathon altijd "met gemak" onder de 3 uur loop. Nou ja, met gemak? Het lukt elke keer weer en daarom ben ik nu met koffertje onderweg naar Schiphol, naar het EK in Graz.
De dag begint met koffie
Omdat ik een frisse douche nodig heb om goed wakker te worden en vooral geen zin heb om me te haasten, gaat om half vier de wekker al. De tas staat al kant en klaar en alleen de broodjes en het drinken hoef ik nog maar uit de koelkast te pakken. Petra zwaait me uit en duikt ongetwijfeld, nog voor dat ik de straat uit ben, weer lekker terug in bed. Lijkt me logisch. Mijn koffer rolt braaf achter me aan over het plein van het winkelcentrum dat rustig ligt te wachten op de drukte van overdag. Als ik even na vier uur bij de bushalte sta, check ik voor de zekerheid of er nergens storingen zijn waardoor ik ander vervoer moet regelen, maar er zijn geen hindernissen onderweg. Alles gaat soepel en om 5 uur sta ik op Schiphol waar de boel inmiddels tot leven komt. Ik wil ook tot leven komen en daarom start ik daar met een halve liter koffie. Terwijl ik me langzaam door dat zwembad heen drink ga ik op zoek naar hal 1, balie 1 en naar Gerda, onze coach / regelneef / motivator en superfan. Deze dagen luistert ze ook naar 'mamma'.

Als ik de bodem van mijn koffiezwembad in zicht krijg komt er een iemand naar mij toe lopen. Ik ken hem niet maar de jovialiteit verraadt ook collegialiteit en als hij, wijzend op mijn hardloopschoenen, aan mijn vraagt of ik ook naar Graz ga, is het ijs snel gebroken. Jan en ik gaan die kant op en even later komen ook de andere teamleden er bij. En bont gezelschap van marathongekken, en begeleiders. Als we compleet zijn gaan we in de rij staan om de koffers in te leveren. En als ik zeg "rij" dan bedoel ik ook een RIJ. Schiphol had bedacht dat twee balies voor een paar vluchten ruim voldoende was en je een rij best een paar keer heen en weer kan laten slalommen. Gezellig, dat wel, maar absoluut niet passend bij een vliegveld om half zes in de ochtend. Als we de koffers eindelijk kwijt zijn gaan we in de volgende zinloze wachtrij staan om je drinken in te leveren (Niet dus! klok klok klok) je half uit te kleden en daarna hebben we amper tijd over om naar onze gate te komen waar we, uiteraard, weer in de rij mogen staan. Maar eerlijk is eerlijk, dat gaat vrij soepel en kort na zevenen, als het al een beetje licht begint te worden, vertrekken we vanaf regenachtig Schiphol naar Wenen voor de overstap.
Mij zal je niet zo snel horen mopperen over een gegeven paard. Vooral niet in de bek kijken. Maar als dat gegeven paard bestaat uit één mini broodje dat luistert naar de naam "ontbijt" krijg ik vliegangst. Als dit alles is tot aan Wenen vrees ik dat ik Wenen nooit te zien ga krijgen, laat staan dat ik in Graz ga rennen. Gelukkig ben ik Hollander en heb ik een voorraadje krentenbollen op zak.
Als we in Wenen uitstappen is het bewolk met af en toe een flauw zonnetje. De temperatuur is te omschrijven als een warme herfstdag en omdat we een uurtje overstaptijd hebben, gaan we de luchthaven van Wenen verkennen. Een korte samenvatting; Donker en saai, en daarom besluit iemand van ons om ons koffie aan te bieden omdat hij/zij toch een creditcard heeft. En die kaart zit in de portemonnaie bij het rijbewijs, paspoort, en ticket, en het hele tasje is... inderdaad, in het vorige vliegtuig blijven liggen. Slik! Omdat alleen kalmte je kan redden in deze totale groepspaniek worden razendsneld taken verdeeld met als resultaat dat het tasje door de beveiliging aan ons overhandigd wordt als we in ons volgende vliegtuig naar Graz vertrekken. Goeie service en de hartslag van de tas-eigenaar is weer terug op aanvaardbaar niveau.
Laatste stukje naar Graz
We staan klaar voor het laatste stukje van onze reis. Een vlucht van amper 25 minuten want verder dan dat liggen Wenen en Graz niet uit elkaar. Als het toestel nog maar net horizontaal ligt beginnen de stewardessen al te rennen met de flesjes water. En dan is het al weer "pling" met het verzoek je riemen vast te maken voor de landing. Omdat ik boven Graz al wat rond heb gevlogen met Google Earth herken ik stukjes van de omgeving van Graz, en van het plaatsje vlak naast het vliegveld waar ons hotel staat, in Unterpremstätten. Rook spat van de banden bij de landing en we rollen naar de "gate", wat in dit geval betekent dat we naar de ene hal rollen waar alles geregeld wordt. Geen gezoek op welke band je koffer aan zal komen want er zijn maar twee banden. Mijn koffer heeft er net zo veel zin in als ik want die is de eerste. Veilig aangekomen, maar voor de zekerheid had ik mijn hardloopschoenen voor de reis aangetrokken en niet in de koffer gedaan. Mocht de koffer verloren gaan onderweg dan had ik in ieder geval mijn trouwe sloffen met sportsteunzolen (iets moet mij toch op de been houden) nog in bezit.

Op het vliegveld worden we ontvangen door de organisatie van dit evenement. Dit keer geen hele touringcar voor 12 mensen zoals in Praag, maar een paar busjes die ons naar het inschrijfpunt brengen. Niets wordt aan het toeval overgelaten. Inschrijfformulier in tweevoud, accreditatiepas, programma voor dit weekend en als klap op de vuurpijl het anti-dopingformulier dat ik samen met de coach in moet vullen. Uiteraard verzwijg ik mijn brufennetje, druivensuikertje en de krentebol in de hoop dat ze die toch niet terug kunnen vinden in de dopingtest.
Hotel op stelten
Even zo goed staan we na een soepele reis rond het middaguur voor ons hotel. Afgelopen dagen had ik het weerbericht van Oostenrijk bekeken maar me kennelijk geconcentreerd op verkeerde plaatsen. Het zou een graad of 10/15 worden, dacht ik, en in verband met mogelijke weersomslag had ik zelfs een paar hardloophandschoenen in de tas gedaan, en een muts niet te vergeten.  Enfin, Graz blijkt dus het Saint Tropez van Oostenrijk te zijn en het dooit hier nu 25 graden met een felle zon. Gelukkig heb ik ook een zwembroek bij me. Anders dan de omschrijving "hoogzomer" kan ik niet verzinnen voor dit weertype. Dat gaat me nog een leuke verrassing worden aanstaande zondag want dan wordt het 27 graden, verklapt de Oostenrijkse teletekst op mijn kamer die ik met Jan mag delen.

Voor het middageten schuiven we aan op het terras van het hotel. We laten ons verrassen wat ze voor ons verzonnen hebben. Als de serveerster aan komt blijkt dat ze ons inderdaad gaan verrassen. "We hebben niet op u gerekend met eten." Een echte verrassing mag je wel zeggen. En ik maar denken dat een hotel/restaurant blij is met gasten, maar dat bleek niet zo te zijn. Misschien had de kok een vrije dag of werd de keuken verbouwd, maar echt blij met gasten leek men niet te zijn. De oplossing werd gevonden door ons dan maar gewoon a-la-carte te laten eten, wat mij als niet-kok veel lastiger lijkt dan gewoon voor de hele meute "iets" te maken.
Sporters zijn niet zo kieskeurig, en zeker Nederlandse niet, als het maar veel is. Maar goed, als de kok het zo wil... bestellen we gewoon van alles en nog wat door elkaar heen, met salade want dat zou volgens de serveerster zo lekker zijn. Ik begin maar vast met stapelen en neem spagetti omdat daar weinig aan te verknallen is en ik eerst de kwaliteiten van de kok wil testen.
De salade die iedereen dus neemt, is kennelijk het gerecht waarmee de kok vandaag (en ook de komende dagen!) wraak op ons wil nemen. Hij zal aandelen hebben in de plaatselijke azijnfabriek vermoeden we. Vooruit dan maar, je zal er vast wel hard door gaan lopen.
Graz verkennen
Als het eten gezakt is pakken we de bus naar Graz, dat een kilometer of 13 verderop ligt. Door lange industrie- en bedrijfsstraten rijden we naar de plek waar we zondag hard door heen gaan rennen. Nu is alles nieuw en vreemd en daarom dwalen we wat door het centrum, doen snel een paar boodschappen die voor het grootste deel bestaan uit bananen en limonade, en verbazen ons over deze vreemde stad. Een stokoude stadskern die in de oorlog gespaard gebleven is, een andere helft met hypermoderne gebouwen, 250.000 inwoners waarvan 40.000 studenten en dus veel horeca. Omdat we die koffie van vanmorgen in Wenen nog steeds te goed hebben ploffen we neer op een gezellig terras waar de koffie ook iets ander mag zijn. Proost.
Na de "koffie" lopen we terug naar de bus en lopen via de straat waar morgen de Start/Finish zal zijn. En nu begint het toch wel te kriebelen. Mijn laatste marathons zijn al van april in Rotterdam en mei in Leiden. Vooral die laatste was door de warmte geen succes en morgen wordt het weer zo warm c.q. nog warmer dan Leiden. Van echte training op langere afstanden was bij mij al helemaal geen sprake de afgelopen weken, maanden. Het wordt dus zondag gokken hoe het gaat. Met Menno, die in Praag mijn kamermaat was en nu ook weer mee is, heb ik de afspraak dat we op 3:54 minuut/km weg gaan en dat ik zo ver als mogelijk met hem mee probeer te gaan. Ergens tegen de 30 km haak ik dan af waarna hij voor een toptijd gaat en ik wel zie hoe ik het verder red. Onder de drie uur finishen zou wel heel mooi zijn onder deze omstandigheden.
 
Zo ver is het nog niet. We pakken de bus terug en als we 's avonds in het hotel aanschuiven voor het eten heeft onze azijnkok nog steeds dienst. Stel je een hotel voor dat bomvol zit met gewone gasten en sporters. We zitten met een tientalle sporters in de zaal en de serveerster zegt dat het lopend buffet pas wordt geopend als er minstens 50 mensen zijn. De klok tikt verder en als er ruim meer dan dat aantal gasten is, wordt er gezegd dat ze pas beginnen als er 100 gasten zijn. Gelukkig is de Nederlandse tafel nu al winnaar van de humor-prijs dus wij vermaken ons wel. Maar toch... Als het buffet dan eindelijk geopend wordt is het eten na 50 gasten op. De rest van de rij kan weer gaan zitten want er wordt bijgemaakt. Tja, dit was te voorzien natuurlijk. Er komt een nieuwe lading en dan komt de volgende rij en zo gaat dat nog even door. Uiteindelijk zijn alle buiken vol, is de serveerster, die in haar eentje de hele boel probeert te redderen, totaal in de stress en komt de stoom bij de kok uit z'n oren. De blik in zijn ogen als hij nieuw eten bij het buffet komt brengen spreekt boekdelen. Een cursusje mentale weerbaarheid kan geen kwaad. Adem door je hart, soms gaat het anders. Arme kok.
Zaterdagochtend dribbelen we met alle lopers een half uurtje in de omgeving van ons hotel. Het geeft een aardig beeld van  de temperatuur die morgen op de dag van de marathon nog net even hoger zal zijn. Dat gaat een hele zware marathon worden.
's Middags komt de bus voorrijden omdat we een rondleiding krijgen over het marathonparcours. Was ons beloofd. Na de "Bustour" van Praag hadden we beter moeten weten. Geen centimeter van het parcours hebben we van dichtbij mogen zien maar we kregen wel een wandeling door de stad. Eerst met een kabelbaan / tram naar boven naar de Schlossberg en dan met gids terug naar beneden. Best leuke dingen gehoord over Graz en zijn bijzonderheden, maar in verband met de officiële openingsceremonie die ons vanavond te wachten staat lag de snelheid van de rondleiding zo ongeveer op het marathontempo. Gelukkig konden we wel even stil staan bij de stadklok hoog op de berg; de klok die ook op de medaille staat afgebeeld.
Terwijl de zon onder gaat is het in de tuin van het hotel nog prima vertoeven. De plaatselijke kapel speelt de officiële hymne en 5 mensen vinden het nodig een toespraak te houden in twee talen. Het hoort er natuurlijk allemaal bij en eerlijk is eerlijk, het heeft ook wel iets. Als de plichtplegingen voorbij zijn, gaan we over op de pastparty waarbij ik maar voorbij ga aan de manier waarop de kok dacht dat hij de buffet moest vullen. De laatse sporters stonden om half negen nog op hun eten te wachten. Niet erg voor zo maar een avond maar de avond voor je marathon zou je dat anders willen zien. Om kwart voor 10 ging bij Jan en mij het lampje op de kamer uit nadat de startnummers op waren gespeld, de flessen waren gevuld en plannen werden gedeeld.

Nog voordat de wekker af ging waren Jan en ik al wakker. Laten we het maar op wedstrijdspanning houden. Frisse douche en om 6:30 aan het ontbijt want het moet ook wel kunnen "zakken" voordat het startschot valt. In de eetzaal is het Nederlands team gewoon wéér de gezelligste tafel terwijl ik me te goed doe aan van die grote Duitse broodjes, koffie en vruchtensap. Nog maar een kopje koffie want daar draai ik altijd lekker op en het brufennetje spoelt er zo lekker mee weg. Voor de zekerheid nog een bakje vruchtjes naar binnen en dan ben ik er klaar voor. Rugzak mee, droge kleding er in voor na afloop en dan gaan we met alle atleten om kwart voor acht de bus in. Uiteraard staan we dus veel te vroeg voor het opera-gebouw waar voor de deur de start is. Overal hetzelfde beeld; sporters dribbelen dwars over het parcours of liggen onderuit tegen de hekken aan. Eten hun banaantje, gaan nog 3 keer (nutteloos) naar de wc en wachten op de marteling van 42 kilometer en 195 meter. Het is bewolkt maar je kan zien dat de zon er door heen wil prikken. En zo tikken de minuten weg terwijl de spanning stijgt.
De zomerse run
En dan valt het startschot en speren we weg. Menno en ik staan redelijk vooraan en leggen gelijk het gewenste tempo op het asfalt. Keurig gaan de eerst kilometers voorbij in 3:54 min/km en het lukt me zowaar om bij dit tempo nog wat lachen ook. Nog wel, want binnen een paar minuten is de zon ook een belangrijke deelnemer aan deze marathon. Zeg maar gerust een hoofdrolspeler want sneller dan je kan vermoeden is het hoog zomer geworden in Graz. De temperatuur loopt, net als het parcours, omhoog tot 25 graden, en zal verderop in de marathon nog door gaan tot 27 graden. Toeschouwers zitten in zwembroek en bikini langs de route. Waanzin ten top. En dan te  bedenken dat ik in mijn hotelkamer in de koffer nog handschoentjes heb liggen.
De eerste drie kilometer kronkelen we wat door de stad heen en dan gaat het naar het noorden toe, vals plat omhoog en net genoeg om even aan het werk te moeten om dit tempo vast te houden. Dat lukt eigenlijk heel goed; de eerste 5 km doen we in 0:19:19 en de eerste 10 hebben we in 0:38:55. Iets sneller dus dan het schema maar het gaat lekker. We lopen in een groep met 4 Denen en een Pool, en ombeurten neemt iedereen de kop. Behalve die Pool die er een gewoonte van maakt om bij drankposten in de weg te lopen, je met regelmaat aan te tikken en het te vertikken om kopwerk te doen. Dan niet, dan doen we het zelf wel. Vreemd, 3 jaar geleden in Praag hadden we ook al een vervelende Pool in de groep. Dezelfde?
De zon wordt nu een heel vervelende spelbreker hoewel dat aan de tussentijd van 1:17:08 op de 20 km niet te zien is. Het gaat zwaar, heel zwaar en op de 23 km zeg ik tegen Menno dat hij vooral lekker dit tempo door moet trekken maar dat ik af haak. Bij de keerlus op de 25 km loopt hij nog niet zo gek ver voor me uit maar hij is gewoon veel sterker dan ik. Duim omhoog om hem succes te wensen en ik ga lekker mijn eigen ding doen. Duidelijk is dat ik heel veel energie te kort kom, en als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat...
De houding op de 25 km verraadt dat het kaarsje eigenlijk al helemaal opgebrand is. Doorgezakt, hoofd omhoog en platvoeten. Ik probeer aan de trainingen en de tips van Coen te denken maar het werkt niet meer. Op, over en uit, zo voelt het. Het parcours door de oude stad, de lange straten met industrie aan weerskanten, draaien en keren waardoor ik echt niet meer weet welke kant ik op zou moeten;  het zorgt voor een rotgevoel. Ook bijna geen andere lopers bij me in de buurt waardoor ik me bijna verloren voel.  Gelukkig staan precies op het punt waar ik het liefst op de stoeprand een potje zou willen janken van de pijn, mijn enige fans die ik heb in Graz. "Doorgaan Frank. Kom op!" roepen Gerda en Rosanne die met fototoestel en flesjes drinken alles doen om ons te ondersteunen. Maar ik zit nu al op de bodem van mijn energievoorraad en bedenk me dat ik nog "maar" ruim 17 km hoef te rennen, bij dit weer, op dit parcours. Ik vraag me af òf en hoe ik dit ga overleven. Er is maar één optie en dat is doorlopen, want des te eerder ben ik er van af. Overschakelen op mindsetting.
Van 25 tot 30 km lukt me nog in 0:21:18 maar na 30 km is het helemaal gedaan met de pret, voor zover die er nog was na de 20. Ik pak elke verzorgingspost die er is, drink wat er te drinken valt en kiep bekers water over m'n hoofd. Gek genoeg wordt ik niet of nauwelijks ingehaald door andere lopers en soms haal ik zelfs nog iemand in. Dat kan helemaal niet bedenk ik me want mijn tempo ligt inmiddels zo laag dat ik wel achteruit moet donderen in het klassement. Maar nee, iedereen heeft het dus heel erg zwaar vermoed ik. En dat geeft mij dan weer kracht. Ik ben dus niet zo'n watje als ik dacht en ik ga deze marathon gewoon uitlopen, op mijn manier. En mijn manier is dat ik ga intervallen. Ongeveer 600 meter lekker tempo en dan 50 meter wandelen. Bij voorkeur (met wat rekenwerk) wordt er gewandeld als het omhoog gaat en bij drankposten, en voor de rest gaat het vol gas.
Heel vervelend is het om te zien dat er inmiddels al een paar mensen uit zijn gevallen in deze marathon. Ik zie een sporter voor me naar de kant lopen en in tranen uitbarsten bij zijn supporter of familielid, of beiden. Hij buigt voorover, handen op z'n knieën en hij ziet er grauw uit. Op de rug van zijn shirt staat "Andorra" en ik vrees dat hij misschien wel de enige deelnemer is van zijn land.  Er zullen nog wel meer mensen uitvallen vrees ik. Letterlijk. Een sporter ligt aan de kant van de weg tegen de stoeprand aan, EHBO gebogen er over heen en ik ren verder in de hoop dat hij er goed van af komt. Ondanks de warmte een koude rilling.
Door deze aanpak, duidelijk met een verbetenheid waar een pitbull jaloers op zou worden, lukt het om de marathon wel uit de vechten met mezelf. Zowel de 30/35 km als de 35/40 km lukte in een tijd rond de 22:30 . Achteraf gezien valt dat enorm mee en als je bedenkt dat het met intervallen gedaan is. Dan was het ren-tempo dus nog best netjes.
Als ik vlak bij de finish bent zie ik de finish boog al, hoor ik de speaker al maar mag (lees "moet") ik nog linksaf door het centrum om de laatste dikke kilometer te maken. Frustrerend maar aan de andere kant leuk om jezelf nog één laatste keer op te peppen om wel op tempo over die eindstreep te gaan. En die eindstreep haalde ik in warm, heel warm Graz, in 2:56:07 . Nog nooit heb ik zo'n zwaar laatste stuk van een marathon gehad. Gezien de omstandigheden zoals hoogteverschil en temperatuur, moet ik daar gewoon tevreden mee zijn. Tweede Nederlander, 4e in categorie en 62e overall.
Op de streep wordt ik opgevangen door Gerda en Rosanne. Ze zijn trots op me en zien ook dat het heel zwaar voor me is geweest. Toch knap ik binnen no-time weer op nu de druk er af is, dus eerst even naar huis bellen om aan Tjitske, Maaike en Petra door te geven dat ik weer zonder kleerscheuren gefinisht ben. Ik wil door naar de drankpost om wat te drinken en liefst ook wat te eten te halen. Uit ervaring weer ik dat ik dan het snelst herstel. Ik krijg mijn medaille omgehangen en als ik langs de EHBO tent loop zie ik dat die compleet overbezet is. In alle hoeken en gaten zitten en liggen sporters van een van de vele loopjes die er hier zijn geweest, inclusief de marathon natuurlijk. Brancards zijn allemaal bezet en mensen van het Rode Kruis zijn druk in de weer slachtoffers te verzorgen. Ik zie meer tranen en van pijn vertrokken gezichten dan me lief is. Ze zijn in ieder geval in goede handen en ik loop door naar de eerste kraam waar soep uitgedeeld wordt. Het is 27 gradenen en soep lijkt me niet zo'n geslaagd idee, ondanks dat het aan Nederland gelinkte oranje soep is. Pompoensoep is nou niet het eerste waar ik nu trek in heb. Ik vrees dat dat zelfs het allerlaatste zou zijn.
De meergranenbroodjes, in alle soorten en maten, en de bananen natuurlijk, zijn meer aan mij besteed. Uiteraard met de nodige sportdrank die er ook te krijgen is. Top.
Zo te zien zijn er de nodige smurfen vóór mij gefinisht die allemaal een urinemonster voor de dopingtest in moesten leveren. Goed zo, je kan die dopingsmurfen wat mij betreft niet hard genoeg aanpakken! Opgesmurfd met die blauwe zondaars.
Rosanne heeft voor haar maatschappelijke stage de nodige punten gescored door bij de organisatie van de marathon aan te haken en een paar medailles uit te reiken. Feilloze integratie in een buitenlandse organisatie levert vast massa's punten op. Van Menno en mij krijgt ze er nog wat punten bij door binnen tien minuten twee milk-shakes ergens vandaan te toveren.
Aan alles komt een eind
Ook alle andere sporters van het Nedelands team komen binnen en alleen Robert, die ik het laatste stuk met mijn interval mee heb kunnen trekken, is tevreden met zijn tijd. Wat heet tevreden? Robert liep onder deze zware omstandigheden een PR en geeft zijn visitekaartje af voor de volgende marathon! Bij de anderen wat gemopper, een onderdrukte traan van emotie en vermoeidheid maar vooral het gevoel van "hè hè het zit er op". Een diepe buiging van mij voor Esther die dwars door haar eigen emotie op de finishstreep aan mij vroeg of ik al naar huis gebeld had... Dan gaan we naar de bus die ons naar het hotel terug brengt, naar de douche en naar het matras waar we heel even de ogen dicht kunnen doen met op het nachtkastje de medaille. Yes, we hebben het gehaald...

Tegen vijf uur vertrekt de bus naar de feestzaal van een groot bedrijf in de buurt. Daar is de officiële afsluiting van dit evenement met de prijsuitreiking. Het Nederlandse team is 10e van de 20 landen geworden wat naar mijn idee een plek is waar we horen te staan gezien de grootte van ons land. Natuurlijk, het kan beter maar dan hebben we wel jonge aanwas nodig. Zonder twijfel zijn wij gemiddeld het oudste team. Met net zo weinig twijfel ook het gezelligste team van alle landen! Na drie keer (...) het volkslied van Duitsland gehoord te hebben kon ik me niet meer beheersen en was ik echt toe aan een biertje. Er zijn grenzen aan het aan kunnen horen van volksliederen, ongeacht het land. Laat daar geen misverstand over bestaan.
Om elf uur is het over met de pret en wordt de avond afgesloten. Vanaf de feestlocatie naar het hotel is normaal gesproken in een kwartier wel te lopen, in onze toestand misschien drie kwartier, dus vervoer zou toch wel prettig zijn. Geen probleem voor Rosanne die de laatste punten voor haar stage verzamelde door haar "internationale betrekkingen" verder uit te diepen en flitsendsnel een Oostenrijkse chauffeur gevonden had om ons weg te brengen. Het ritje duurde  5 minuten en het bedanken van de chauffeur nam voor één van ons net zo veel tijd in beslag als de rit zelf. De volgende ochtend na het ontbijt laten we zomers warm Graz achter ons, met gemengde gevoelens over de gelopen tijden, maar met een trots gevoel over wat we als team hebben neergezet. Betrokkenheid bij elkaar en aandacht voor elkaar zoals je hoopt dat dat bij een echt team gaat. Zonder namen te noemen, allemaal onwijs bedankt voor dit bijzondere weekend.
Omdat ik vreesde dat het vochtverlies tijdens de marathon niet door alleen een milkshake gecompenseerd zou zijn heb ik voor de zekerheid tijdens het daarop volgende lopend buffet nog maar een biertje genomen, en nog een. De kok die voor het buffet gezorgd had was duidelijk een andere kok dan die van ons hotel. Tel je zegeningen. De rest van deze avond valt binnen de categorie "What happened in Graz stays in Graz". Helaas, of niet helaas zo je wilt, werd wel duidelijk dat niet iedereen even goed tegen alcohol kan en, dat je als je dronken op tafel gaat dansen, je behalve je evenwicht ook je waardigheid kan verliezen. Cheers!