Vechten met mezelf      1 maart 2015
Het weerbericht voorspelde niet veel goeds voor deze eerste zondag in maart, traditiegetrouw de dag waarop het atletiek wegseizoen wordt geopend. In Alphen a/d Rijn is dan "De 20 van Alphen" waar naast een 20 km ook een drukbezochte 10 km wedstrijd plaats vindt. Voor de gewone mensen is er ook een 5 km, een 2,5 km en zelfs een 1 km loopje. Het zou winters worden, of eerder nog herfst met harde wind en veel regen. De regen bleef weg, de zon scheen maar het waaide hard.
In de voorbereiding zat het een beetje tegen dit keer. Daardoor wat slaaptekort, een forse trainingsachterstand en de gemaakte kilometers in februari slaan nergens op; 80 om precies te zijn en daarmee hoef je vandaag op een 20 kilometer wedstrijd niets van jezelf te verwachten. Dat doe ik dus ook niet. Zoals elk jaar vanochtend eerst gewerkt om te zorgen dat alles gaat zoals gepland. Dié voorbereiding ging in ieder geval wel goed. Zelfs toen een collega tijdens mijn powerpointpresentatie op het toetsenbord ging zitten waardoor de hele boel op zwart ging, lukte het niet om mij uit m'n concentratie te halen. Inloggen en gewoon door gaan. Dóór gaan, dat wordt vandaag het toverwoord. Als alles verlopen is zoals gehoopt kleed ik me om, pak m'n fiets en ga richting de start waar ik Steef van der Hoorn nog spreek (bedankt voor de foto's Steef) en ook Dick Pluim succes kan wensen.
Snel m'n startvak in want ik heb nog maar tien minuten voor het startschot valt. Als ik voorzichtig de Bernhardlaan af wil dribbelen om aan iets te doen wat op warmlopen zou moeten lijken, zie ik marathon-veelvraat John de Boer staan. Even een praatje maken over andere dingen dan hardlopen en dat lucht op. Of eigenlijk ook weer niet. We zuchten alletwee een paar keer diep en gaan dan over tot de orde van de dag. Ik heb nog 5 minuten en wil mijn sleutels nog kwijt bij Maaike en Henk die een paar honderd meter verderop in de bocht staan. Vlug die kant op en dan als een speer terug naar de startstreep. Nog 1 minuut over. Pff, het lukt allemaal maar net vandaag.
De burgemeester van Alphen aan den Rijn, mevr. Spies, wenst ons voordat zij het startschot lost veel succes en vindt dat het "weer gezond terug aan de finish komen" het meest belangrijk is vandaag. Nou, dan hebben we dezelfde gedachte. Vandaag telt voor mij de tijd totaal niet. Ik wil "de 20" in mijn stad lopen om hem gelopen te hebben, om mijn medaille te halen en om onder andere tegen mezelf te zeggen dat we niet voor één gat te vangen zijn. Samengevat in goed Nederlands; Luctor et emergo. Het startschot valt en het voelt als bevrijding maar ook als straf. Ik mocht, ik wilde en nou moet het er dan ook maar van komen. Het gaat best hard van start en ik loop in de drukte van de echte wedstrijdatleten even in dat tempo mee richting Maaike en Henk, richting de Willem de Zwijgerlaan en de Julianabrug. Het is begonnen.
Ik steek een duim op naar de fans langs de kant, naar Fred en Nicole en naar een paar collega's. Dan gaat het de brug op, een kleine krachtmeting als het gelijk aan het begin al hard gaat. Geeft niet. Dat duurt niet lang en straks gaat het vlot naar beneden. De eerste kilometer zit er op.

Rechtsaf de Oranje Nassausingel op. In de bocht applaus van de bemanning van de extra brandweerwagen die daar elk jaar staat en van de EHBO-ers die dit jaar voor het eerst ook op de bike op en rond het parcours staan. Het is goed te merken dat het flink waait en een paar lopers proberen beschutting te zoeken in een groep. Jan de Jong van AAV'36 en Steef van den Hoorn staan weer op hun vaste plekken bij het 2km punt. Een kopie van vorig jaar.

We gaan rechtsaf de Van Boetzelaerstraat in en in die bocht staan Stephanie en Coen me aan te moedigen. Het doet me goed en ik voel nu al dat het echt wat langzamer moet omdat ik gewoon energie te kort kom. Geen vergelijk met andere jaren. Tandje er af en rustig naar het centrum van Alphen. Door de start/finish heen en er staat heel wat enthousiast publiek. Zo, kilometer 3 zit er op. Nog maar 17 te gaan.
Via de Prinses Irenelaan en de keerlus waar de hulptroepen me goed in beeld krijgen. Met dit tempo is het goed te doen en ik probeer me te focussen op de techniek waar Coen de laatste weken zo op heeft gehamerd. Afzetbeen goed uitstrekken en proberen de knie-inzet z'n werk te laten doen. Nou ook nog werken aan de middenvoetlanding en dan moet het goedkomen. Druk bezig onderweg om de wijze lessen van Coen in praktijk te brengen, maar volgens mij zien de beelden er nog een soort van gunstig uit.
Via de Bernhardlaan gaat het voor de wind naar de Albert Schweitserbrug. Km 4 lukt op die manier ook nog wel. "Brug op" weer goed op de techniek letten en "brug af" proberen wat winst te pakken. Winst op een schema dat ik niet eens heb. Maar wat voelt het nu al slecht! Na het 5 km punt rechtsaf de Burgemeester Bruins Slotsingel op waar ik aan de kant nog net op tijd m'n vader ontdek. Even een brul, een zwaai en dan door naar de kruising met de Bachsingel waar Petra aan staat te moedigen. Een high-five en een blik op een flink aantal bekenden uit de wijk.
Later hoorde ik dat hier al heel wat mensen zich afvroegen wat aan de hand was. Ik zag er uit alsof ik al een marathon achter de rug had en ik was pas onderweg naar het 6 km punt.
Bij de Ridderhof rechtsaf en als je dan rechtsaf de President Kennedylaan op gaat krijg je de wind vol tegen. De flats links en rechts zorgen er voor dat de wind mooi midden over straat blaast en het voelt alsaf iemand je terug probeert te duwen. Tussen de 7 en 9 kilometer is het gewoon stampen en hard werken. Ik mis de kracht daar voor en dus word ik er niet vrolijker op. Maaike als cameravrouw midden op straat heb ik compleet gemist. De aanmoedigingen van weer die brandweermensen en de EHBO-ers helpen om het bijltje er niet gelijk bij neer te gooien maar dat gevoel overheerste. Bijna dan. Ik hark verder in de wetenschap dat het zwaarste stuk buiten Alphen straks nog moet komen.
Weer langs Jan en langs Steef en laatstgenoemde weet toch nog een foto te maken waarop het lijkt alsof er iets van de trainingen van Coen is bijgebleven. Volop aanmoedigingen  als ik de lange Oranje Nassausingel helemaal uit moet lopen richting provinciale weg. Verderop weinig publiek, wind schuin tegen, de weg loopt wat omhoog en dus meer dan voldoende ingrediënten om te leren schelden op mezelf. Je wilde toch mee doen. Nou dan. Hier heb je het. Probeer er nou maar wat van te maken.

Tussen de 9 en 11 km krijg ik de wind in de rug en ik probeer er van te genieten. Lopen op techniek is het toverwoord als het tempo toch niet belangrijk is vandaag. Maak er dan maar een trainingsdag van en voor een zware training is 37:36 als tussentijd op de 10 km nog niet eens zo verkeerd.
Na de Zegerbrug lopen we terug naar Alphen en krijgen op de Westkanaalweg de wind pal tegen. Ik maak de passen iets kleiner, gooi de pasfrekwentie omhoog en ga wat meer voorover hangen. Een saai stuk langs de golfbaan en links aan de overkant zie ik een lint van lopers die op de Oostkanaalweg nog lekker voor de wind lopen. Zij moeten straks het stuk nog waar ik nu bijna alweer vanaf ben. Ik mag rechtsaf de ellelange Burgemeester Bruins Slotsingel op. Ongeveer 2700 meter tot het keerpunt. Ik hou mezelf voor dat het vanaf het keerpunt nog maar een kleine 4 kilometer is die ik in de stroom van andere lopers mee kan lopen. Vanaf het keerpunt voegt de 10 km loop namelijk samen met de 20. Het 15 km punt passeer ik in 57:14.
Net voor de keerlus staat Petra die me succes wenst voor het laatste stuk. M'n gezicht staat overduidelijk zó op onweer dat de verkeersregelaar op die kruising toestemming geeft dat Petra oversteekt naar de middenberm om me, als ik daar na de keerlus weer langs kom, nog één keer moed in te praten. Of eigenlijk is het geen praten. Het is een blik van verstandhouding waarin alles verpakt zit van de afgelopen week. De laatste high-five is net het zetje dat ik nodig heb om het kunstje vandaag af te ronden. Nog een laatste keer dat rotstuk met tegenwind en het tempo stort in elkaar.
Het voelt alsof ik geen stap meer kan zetten en het enige dat me nog op de been houdt is de stroom 10km lopers rechts naast me. Ik hou er niet van om me (figuurlijk gesproken) af te zetten tegen andere lopers maar nu doe ik dat wel. Ik loop nog steeds iedereen voorbij terwijl ik er 10 zware kilometers méér op heb zitten. Dan klopt de tekst op mijn shirt dus toch: "Grijs maar niet gek".
Voor de laatste keer langs Stephanie en Coen en ik geef subtiel aan dat ik helemaal verrot ben. Nou, dat hadden ze al gezien werd 's avond al gemaild. Gelukkig is de laatste kilometer ook de meest sfeervolle; veel muziek, vlaggen en leuke mensen langs de kant. De laatste 400 meter staat het langs de kant stampvol en door de zon, die naast de harde wind ook flink aanwezig was, ziet het er gezellig uit.
De looptechniek heeft inmiddels plaatsgemaakt voor ploeteren. Ook goed, ik ben er toch bijna. Langs de kant nog een zwaai naar de Henk en z'n vader, langs de winkels en dan naar de Alphense Brug. Slingertje naar recht en links en 50 meter verder hangt het finishspandoek. Wat nog leuker is, daar is ook de finishstreep en de finishmat die meet dat de chip in mijn startnummer over de streep is gekomen. Ik blijf dat een mooi stukje techniek vinden dat zo'n lusje in staat is duizenden chips die tegelijk over de mat kunnen komen allemaal te detecteren maar daar ben ik nu even niet mee bezig. Amper in staat blij te zijn dat ik er ben hang ik met een eindtijd van 1:18:24 kort over een hek heen. Daarna pak ik de medaille aan die deze 50-ste editie goudkleurig is. Voor mij is hij vandaag ook goud waard. Ik ben klaar, ik hoef niet meer en het is op, over en uit. De accu is compleet leeg. Maaike vangt me na het uithijgvak op en terwijl ik wat te drinken neem knap ik toch weer snel op. Even niet meer hoeven rennen is altijd zo lekker. Ik blijk ondanks alles toch nog tweede in m'n categorie geworden te zijn. Bijzonder interessant...

Maaike en Henk begeleiden me naar m'n fiets en ik vertrek naar een warme douche. Naar even niks meer hoeven en naar nieuwe kansen buiten hardlopen om.