Opeens is het zo ver. Je staat aan de start van je volgende marathon die niet "zo maar" een marathon is. Het is nummer 50 en dat had ik nooit gedacht. In 2007 bedacht ik tijdens fysiotherapie voor een slechte knie dat ik ooit één keer een marathon mee wilde lopen. Dat werd Rotterdam in 2008. Na afloop bibberend van vermoeidheid op een muurtje van het Hofplein. Niet "totaal verrot" dus besloot ik dat dit niet de laatste was. Gevolg; ik sta nu aan de start van de Berenloop in Terschelling, marathon nummer 50.
Ooit één keer een marathon       8 nov 2015
Voorproefje
Het Berenloop-weekend begint op zaterdag traditiegetrouw met het “Kleintje Berenloop”. Afstanden van 5 of 10 kilometer die volgens mij bedoeld zijn voor de fans die mee naar Terschelling zijn gekomen en willen weten hoe het met hún conditie staat. De start is bij hotel Bosrijk en gaat een beetje op en naar door de bossen. Een echte gezelligheidsloop. Een paar supersnelle lopers willen echt een tijd neer zetten maar het merendeel lijkt duidelijk bezig met een overwinning op zichzelf, met als beloning achteraf het beertje, de koffie/thee en de opgespoten pondkoek. Dat laatste ga ik niet uitleggen omdat je die delicatesse zelf moet ervaren. Als je gelopen hebt tenminste. Maaike, Henk en Alma doen mee met de 5 km en weten nu weer hoe ver dat kan zijn als je niet supergetraind bent.
Eerlijk is eerlijk, ze hebben hem alle drie redelijk soepeltjes uitgelopen en mogen terecht trots zijn op hun prestatie. En op de beertjes natuurlijk. Ik ben trots op ze en stiekem vind ik het ook wel leuk dat ze na 5 km ontdekt hebben dat dit toch wel zo ongeveer de grens is van wat nog leuk is. Niet dat ze geen respect zouden hebben voor mijn marathon morgen, dat zeker niet, maar ze ervaren nu letterlijk aan den lijve dat de marathon geen grapje is. Voor normale mensen dan want ik maak er morgen, na 49 marathons, gewoon wél weer een spelletje van.

Meteen na de finish van de 5 km knapt het weer flink af en een half uurtje later begint het te regenen. De rest van de middag waait het stevig, donkere wolken hangen boven Terschelling en je mag het gewoon Wadden-herfstweer noemen. Niet erg. Kraag omhoog, capuchon op het hoofd en lekker doorstappen met Wammes door het bos, langs de haven en door het centrum van “West” weer terug.
’s Avonds een spelletje en alvast wat extra drinken als buffertje voor onderweg morgen. Ik heb geen idee of het helpt, of het goed is of juist slecht maar het is routine. Het zit tussen de oren en dan is alles geoorloofd. Nu een nachtje slapen en hopen dat het morgen wel wat beter weer is dan vandaag. Drie uur door de regen rennen is tot daar aan toe, maar voor de supporters en de sfeer is het gewoon heel vervelend. Ik slaap goed en dat heeft kennelijk met de gezonde lucht op Terschelling te maken. Vorig jaar sliep ik de avond voor de marathon hier ook prima maar dat kan ook te maken hebben gehad met het barbezoek de avond er voor. Als ik wakker word op de marathondag kan ik door de gordijnen heen al zien dat het prima weer is. Wammes wakker maken, zachtjes de deur uit omdat de rest nog snurkt en dan naar de haven om over de stille Waddenzee uit te kijken.
De zon staat boven Harlingen te stralen en verlicht de honderden masten in de haven. Bijna windstil en er gaan een paar luiken van de boten open. Slaperige hoofden komen naar boven en kijken net zo blij als ik. Dit wordt een fantastische hardloopdag!

Vanaf de haven langs het VVV de Torenstraat in. De laatste zaken voor de allermooiste marathon van Nederland worden in gereedheid gebracht. Twee man sterk wordt er gewerkt aan het vastspijkeren van de lange rode loper waarover straks 8000 voeten van de halve marathon en 1500 voeten van de hele marathon gaan.
Enorme aantallen voor dit dorpje en het hele eiland, van West tot Oosterend, ademt sportiviteit en samenwerking. Geweldig om te zien. De start- en finishtoren valt in het niet naast de 55 meter hoge Brandaris maar is vandaag toevallig wel het belangrijkste punt van Terschelling.

Een paar dagen geleden stond ik i.v.m. een werkbezoek nog boven op deze vuurtoren. Rijkswaterstaat heeft hier de nautische verkeerspost om alles wat op en rond het Waddengebied gebeurt op het gebied van scheepvaart in goede banen te leiden. Een mooie en ook verantwoordelijk baan.
De bemanning van het nautisch verkeersleidingspunt op de Brandaris geeft uitleg over hun werkzaamheden. Alles is nog in heel dicht mist gehuld met zicht van maximaal 50 meter, tot plotseling binnen een minuut of 3 de boel helemaal open trekt. Uiteraard nog even bij de lamp van de vuurtoren gekeken die elke 5 seconden zijn bundel over het Wad verspreidt.
Ook de scheepshoorn staat 's morgens voor de start al klaar. Die gaat tegelijk met het startschot een halve minuut lang laat horen dat je weg mag. Geloof me, als je vlak bij die hoorn staat wil je ook echt wel wegwezen.
Zo ver is het nog niet. Ik twitter de wereld in dat het vandaag een prachtige hardloopdag gaat worden en wandel met Wammes richting ontbijttafel. Gewoon een paar bruine boterhammen met wat er voorhanden is, twee bekers melk en dan begint het spannende wachten. Beetje zinloos heen en weer lopen door de kamer, vier keer de spullen controleren en elke keer tot de conclusie komen dat ik alles echt wel heb. Dan is het tijd voor koffie want er wordt niet gelopen zonder koffie. Plak koek er bij om alvast een bodempje te leggen voor de banaan en een halve liter sportdrank. De fanclub gaat om 11 uur de deur uit om op de fiets ergens langs de route te gaan staan en foto’s van de halve marathon te maken die een half uur voor mijn marathon vertrekt. Nu wordt het gelukkig langzaam tijd om me om te kleden en daarna mag ik eindelijk naar buiten voor die gewilde marathon. Nummer 50, nog steeds leuk maar wel gezond spannend. Niet alleen márathon 50 maar ook stártnummer 50 heb ik voor vandaag gekregen. De organisatie was zo vriendelijk dat nummer voor mij te reserveren voor deze speciale dag.

Op het plein onder de Brandaris ontmoet ik John en Ronald die ook weer aan de (zand)bak mogen. Merit en Ans zijn al vertrokken voor hun halve marathon. Het is inmiddels wel gaan waaien en er is wat minder zon maar het weer is nog steeds prima, zeker voor toeschouwers geen overbodige luxe. Ik dribbel rusteloos en volkomen zinloos door de Boomstraat om de spieren wat losser te krijgen. Kom nou maar op, ik wil starten. Dat loslopen en warmlopen die ik de eerste kilometer na het startschot wel. Dan valt eindelijk het startschot en het wordt gegeven door Frits Wester die bovenop de boei geklommen is. Weg zijn we. Ik had kort voor de start m’n horloge ingesteld op 4:12 per kilometer maar dat heb ik net in het startvak omgezet naar 4:00 per kilometer. Waarom? Gewoon omdat het een ingesleten snelheid is en ik daar onderweg makkelijk mee kan rekenen.
Na het startschot een kort stukje rechtdoor en zwaaien naar Petra, dan scherp linksaf de Zwarte Weg op en richting Groene Strand. Eindelijk zijn we begonnen en met een matige zon en forse wind van rechts, van over de Waddenzee, ben ik op weg over de Willem Barentzskade richting de andere kant van het eiland. Bij de haven staan Henny en Alma en ik hoop dat ze ook een beetje kunnen genieten van deze voor sporters topdag. Mijn enige doelstelling is om die marathon weer gezond uit te lopen en om er toch een klein beetje spanning in aan te brengen heb ik voor mezelf gesteld dat ik hem onder de drie uur wil lopen. Lukt dat niet, even goeie vrienden. Rechts aanhouden langs de haven van de plezierboten in de richting van StayOkay. In de verte zie ik langs het fietspad Maaike en Henk al zwaaien. Fototoestel in de aanslag voor vast weer een paar mooie foto’s. Ze hebben een heel schema gemaakt voor wie ze onderweg willen fotograferen en welke route ze gaan fietsen om mij onderweg een paar keer moed in te kunnen spreken. En als klap op de vuurpijl ook bij de finish te kunnen zijn. Een korte aanmoediging en dan mag ik de brede weg op tot aan Midsland.
Onderweg veel aanmoedigingen van groepjes supporters en bewoners langs de route. Iedereen heeft een bijdrage in de vorm van muziek, vlaggen, drinken, beren of heel enthousiaste aanmoedigingen. Bij Midsland mag ik rechtsaf het fietspad op de deels onverharde fietspaden tussen de weilanden op. Aan de kant staat een club overenthousiaste mensen die roepen “Nummer 50. We gaan je onthouden.” Ik zwaai naar ze en dan ben ik voorlopig de komende kilometers helemaal alleen tussen de graslanden. Wind schuin van rechts achter en het gaat prima. Het tempo ligt hoger dan gepland en ik besluit gebruik te maken van de wind en wat winst te pakken op het geplande schema. In de wetenschap dat straks op de terugweg ook het nodig aan tijd ingeleverd moet worden door de harde wind kan een beetje winst nu vast geen kwaad. Vanaf het Wad komt een inktzwarte lucht op het eiland af en het begint gigantisch te waaien.
Midden in het duingebied ergens na het 22 km punt staan Maaike en Henk weer langs de kant. Een foto en dan fietsen ze gezellig met me mee door het Hoornerbos. Ik vertel ze dat het tempo veel hoger ligt dan bedoeld en met elkaar is de conclusie snel getrokken dat de sub 3 vandaag makkelijk gaat lukken zonder overdreven inspanning. Na de 23 km komen de kilometertijden voor het eerste vandaag net boven de 4:00 maar 4:04/4:06 zijn nog steeds tijden waarmee ik amper tijd inlever op het schema. Er komt iemand ons op de fiets tegemoet die naar me roept “Hup nummer 50!” Het is de vrouw die bij Midsland al riep dat ze me ging onthouden.  Ik heb de tijd om ook bij de drankpost van de 25 km even kort te stoppen om te drinken en een stukje banaan te nemen en dan gaat het rechtsaf richting Formerum.
Langs het hek met de handschoenen (voor Terschellinggangers vast een bekende stek) en dan bij het 26 km punt moet ik Maaike en Henk weer laten gaan, of zij mij. Ik moet rechtsaf het stuk op dat ik moreel gezien het zwaarste stuk van de route vindt. Nét waar je het allemaal een beetje begint te voelen en waar je de support het hardst nodig hebt gaat het scherp rechtsaf een zanderig pad langs het bos op. Om plassen heen, over plassen springend, somber en helemaal alleen. De paden blijven slingeren en er zijn steeds kleine hoogteverschillen. Eigenlijk mag je het zo niet eens noemen maar het gaat gewoon op en neer en dat is toch wat anders dan de polderweg die ik in Alphen gewend ben. Als dit fietspad stop bij de Badweg Formerum komt een heel pittig stuk van 2 km naar het zuiden met tegenwind. Dit is even niet leuk dus voorovergebogen en met iets kleinere passen gaat het richting het 30 km punt in het bos van Formerum. Ik kom uit bij de bekende Duinweg Formerum waar ik in 2010 tijdens mijn eerste Berenloop nog logeerde. Rechtsaf naar Midsland aan Zee en pauze bij de drankpost van de ruim 30km. Cola, water en een spons om het zoute zweet uit m’n ogen te kunnen vegen. De kilometertijden tijdens dit zware stuk tegenwind zijn opgelopen tot rond de 4:20. Maakt niet uit, tijd zat om onder die 3 uur uit te komen. Het lukt om rustig dribbelend bij de standopgang aan te komen en een medesporter een stukje mee te praten om door te blijven gaan. Zo zeg, die heeft het zwaarder dan ik.
Dat het tempo op het strand totaal in elkaar klapt zegt niet zo veel. Ik ben geen strandloper en accepteer dit tempoverlies (4:45 km) onder de noemer “dit is de Berenloop” en geen balletvoorstelling. Na 38 km mag ik het strand af en is het bovenop bij “Paal 8” tijd om wat te eten en te drinken. Twee lopers komen me voorbij die er nog frisser bij lopen dan ik. Voor mij is het duidelijk dat hier het verschil zichtbaar is tussen echt trainen en dus de zware stukken aan kunnen, en twee keer per week je rondje rennen en hopen dat je de volgende marathon weer aan kan. Ik zit in die laatste categorie en dus begin ik rustig aan mijn dribbel rechtsaf de Longway op naar Terschelling-West. Nog een dikke 4 kilometer door het bos over de brede weg en halverwege dat stuk, net als ik besluit om 20 meter te wandelen, wordt ik voorbij gereden door een hardloopcoach op de fiets die zegt “Nooit wandelen, altijd blijven dribbelen!” en hij heeft natuurlijk hartstikke gelijk. Ik pak gelijk de draad weer op en dribbel rustig verder richting het politiebureau en even verderop mag ik linksaf de Dennenweg op.
Het is een lusje om het centrum heen en ik beschouw het maar als ereronde. Via de Burgemeester Reedekerstraat naar de haven en dan, dan ben ik er bijna. Veel enthousiaste reacties ook van de verkeersregelaars langs de hekken.

Bij de haven staat Maaike klaar met het spandoek; ons spandoek. Ik kijk achterom of we geen andere loper achter ons hebben die we onbedoeld voor de voeten zouden lopen maar dat is niet het geval. We pakken alletwee een punt en slingeren via de Havenstraat en Raadhuisstraat naar de drukken Torenstraat.
Langs de kant achter de hekken staat het helemaal vol met publiek en we lopen de rode loper op die vanmorgen nog extra vast werd gespijkerd. Halverwege aan de linkerkant staan de twee mannen die ik zaterdag nog gesproken heb op straat en beloofd heb om 9 minuten over half 4 te finishen. Ik ben weliswaar 4 minuten te vroeg maar zij houden zich wel aan hun afspraak en roepen zoals beloofd “Het ziet er nog fris uit.” Even lachen, een kort zwaai en dan de laatste meters naar de finish. Marathon nummer 50 zit er op in 2:55 en het voelt bijzonder. Ooit één keer een marathon willen lopen en dan nu dit aantal en nog belangrijker, steeds weer gezond gefinisht. Na de streep sta ik bij mijn fanclub als er iemand van de tijdwaarneming naar me toe komt. Mijn chip is niet gedetecteerd toen ik over de streep kwam dus er is geen computertijd van mij bekend. Nou, op de matten van de halve marathon heb ik toch echt de piepjes gehoord dus daar werkte hij wel. Het is ook geen probleem omdat van alle eerste lopers de tijden ook handmatig worden verwerkt. Mooi, dan is het nu tijd om heel rustig aan twee bekers bouillon te drinken, een banaantje te eten en m’n Berenloop shirt op te halen aan de voet van de Brandaris.
M’n bovenbeenspieren koelen nu snel af en het lopen wordt houterig. Geen kramp maar een gezonde dosis pijn die na een warm bad in het appartement, een glas cola en een kop koffie, net zo snel is verdwenen als hij op kwam. Het is al bijna donker geworden als we richting de vertrekhal van de veerboot lopen waar straks een optreden is van Hessel en waar zo de prijsuitreiking is. Ik weet niet of ik in de prijzen gevallen ben maar de kans is er. Onderweg zien we nog steeds deelnemers van de marathon richting de finish gaan die dus nu 5 uur bezig zijn. Ik ben blij dat ik er sneller van af was en inmiddels een warm bad achter de rug heb. In de hal is het gezellig druk en de sfeer is goed. Toch maak ik voor dat de prijsuitreiking begint nog een klein rondje buiten in de frisse lucht omdat deze marathon niet zo zeer een fysieke belasting was maar des te meer een emotionele. Soms heb je dat en heb je geen andere keuze dan het te accepteren; deppen en weer door gaan.
’s Avonds in bed loop ik de route nog een paar keer voordat ik de slaap kan vatten. Eigenlijk loop ik de afgelopen 50 marathons allemaal in gedachten nog een keer. De eerste in Rotterdam, een hele warme in Graz en Brussel, een hagelmarathon in Spijkenisse, door het gras in Lekkerkerk en hele bijzondere op Terschelling. De meeste marathons liep ik alleen, maar soms in gezelschap van Ronald of Marjolein en heel vaak met de support van het thuisfront en heel veel medesporters (echt te veel om op te noemen) die me er op zware momenten door heen hebben weten te slepen. Bijna alle marathons met een verhaal, met pijn, wilskracht, verdriet en blijdschap, maar tot nu toe allemaal met een gezonde finish. Heel veel dank aan iedereen die me geholpen heeft om dit te kunnen doen.
Als bij de prijsuitreiking de 50+categorie aan de beurt is wordt het opletten. Zit ik er bij of ga ik, net zo blij, zónder bloemen naar huis? Ik val inderdaad weer in de prijzen en blijk 1e in mijn categorie geworden te zijn. Leuk, maar vooral ook niet meer dan dat.

Bloemen, een beker en in ieder geval vandaag eeuwige roem en wereldwijde belangstelling op heel Terschelling. Hessel zingt nog een paar bekende nummers en daarna gaan we voor een afsluitend etentje door naar restaurant De Bonte Piet om de onderweg verloren calorieën aan te vullen.
Als ik in Formerum aan kom en tussen het Wrakkenmuseum en de Appelhof door loop, waait het zo hard dat de boomtakken gevaarlijk ver aan het zwiepen zijn. Het is nog droog, nóg wel, maar als deze bui los barst hebben we er een uitdaging bij. Langs de huifkarverhuurder en langs Hessel die buiten voor de deur staat. Maaike en Henk fietsen nog een klein stukje mee maar ik moet verder door tot Oosterend en dan nog verder. Verder het fietspad op tussen de uitgebloeide heidevelden door richting Heartbreak Hotel bij paal 18. Net voor dat punt mag ik linksaf de hoofdweg op om uit te komen bij mijn kilometerpunt 20. Daar neem ik wat te drinken voordat ik rechtsaf het duingebied in mag. Op en neer, links en rechts en na elke bocht of duin weer een nieuw uitzicht. Ondanks het ontbreken van de zon een van de mooiste stukken van de route. Helemaal alleen in het duingebied waar ik over de mat van de halve marathon kom in 1:22:26 . Dat “keer twee” en ik heb een kwartier speling om vandaag onder de 3 uur te finishen. Gekkenwerk natuurlijk omdat het zwaarste stuk nog moet komen en ik mijn race altijd zo opbouw dat ik aan het begin veel sneller loop dan aan het einde.